VN MediagidsWaarom zweeg Zeegers?
Bram Zeegers overleed vorige week aan de gevolgen van een overdosis xtc. Justitie ziet geen verband tussen Zeegers’ dood en zijn getuigenis in de zaak-Holleeder. Maar waarom vertelde de ex-advocaat eerder niets over de problemen van zijn vriendinnetje Shirley?
Bijkans pure MDMA. Dat gemoedsverblijdende goedje, beter bekend als xtc, betekende het einde van Bram Zeegers. Verrassend nieuws, want tot vorige week donderdag ging het gerucht dat Zeegers was bezweken aan vervuilde cocaïne. Met een persconferentie over de doodsoorzaak hoopte justitie de stroom speculaties over de dood van de getuige in te dammen.
Natuurlijk blijven er vragen open. Was het een ongeluk? Heeft Zeegers de drugs zelf genomen? Zijn moord of zelfmoord uitgesloten? De woordvoerders van politie en justitie konden er donderdag geen antwoord op geven. ‘Details volgen,’ klonk het, ‘na grondig onderzoek van het NFI.’ Ook kreeg de pers te horen dat Shirley O. (34) was aangehouden, de vrouw die werd aangetroffen in Zeegers’ woning en die dinsdagochtend onwel was opgenomen in het ziekenhuis. Ze is verdachte; haar voorarrest is inmiddels verlengd. Maar het was vooral het volgende zinnetje in het officiële statement dat bleef hangen: ‘Vooralsnog is er niet één onderzoeksresultaat dat een verband legt tussen de rol van de heer Zeegers als getuige in het Kolbak-onderzoek en zijn overlijden.’
Daarmee leek de kou uit de lucht. De impliciete boodschap van de opsporingsinstanties: de dood van Zeegers heeft niets te maken met zijn verklaringen in de zaak-Holleeder. Maar deze snelle conclusie geeft geen verklaring voor de rol van Shirley O. in de Amsterdamse onderwereld. Samen met haar ex-vriend Joop B. (48) komt zij voor in het onderzoek naar de vermeende afpersingspraktijken van de groep-Holleeder, zo blijkt uit stukken die Vrij Nederland inzag.
Joop en Shirley runden vorig jaar nog Carmen Café, een chique kroeg in de hoofdstedelijke Beethovenstraat. Over die horecagelegenheid kreeg de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van het Amsterdamse politiekorps in november 2005 het volgende bericht binnen: ‘Willem Holleeder heeft de vrijdag na de moord op Evert Hingst een bezoek gebracht aan Carmen Café. Hij heeft toen een gesprek gehad met Joop de eigenaar. Willem zou aan Joop gevraagd hebben of er politie bij hem was geweest om te vragen over de liquidatie op Hingst. Willem zou hierna wat bedreigende uitlatingen gedaan hebben. Na dit gesprek is Joop angstig geworden.’
In maart 2006 komt opnieuw informatie binnen. Nu bij de CIE van de Nationale Recherche. In het proces-verbaal staat: ‘De eigenaar van Carmen Café is afgeperst door Dino Soerel en Willem Holleeder.’
Over de betrouwbaarheid van de informatie kan de verbalisant ‘geen oordeel geven’, maar het is voor justitie voldoende reden om het telefoonnummer van Carmen Café af te luisteren. Het blijkt een mobiel nummer dat in gebruik is bij bardame Shirley. De uitgewerkte tapverslagen zitten in het dossier-Holleeder. Bijvoorbeeld een gesprek van 4 april 2006. Daarin zegt Bram Zeegers tegen Shirley: ‘Ik stuur je een sms en vraag hoe het met je gaat. Oké? Je zegt: nee. Nou dan word ik bezorgd. Ik denk, misschien kan ik je helpen of iets voor je doen. Of even luisteren.’ Zeegers heeft gehoord dat Shirley wordt mishandeld. ‘Maar als het niet zo is, prima.’
Het is een lang verhaal, zegt Shirley. ‘Ik wil er graag uit, maar het is zo moeilijk (…) Ik ben bang voor hem.’ Zeegers: ‘Je kan toch geen vriend hebben waar je bang voor bent.’
Shirley zegt dat ze graag naar Brazilië wil, maar geen geld heeft. En dat zij en haar vriend in een trieste situatie zitten. ‘De zaak wordt binnenkort van iemand anders.’ Misschien deze week, misschien volgende week, vertelt de Braziliaanse. ‘Heeft het te maken met Holleeder?’ vraagt Zeegers. ‘Ook,’ zegt ze, maar ze weet niet zoveel. ‘En dat wil ik ook niet weten.’ Zeegers biedt haar financiële hulp aan.
Drie dagen later belt Shirley de bezorgde jurist. ‘Hoi… It’s me. Can you speak?’ Zeegers: ‘Hoi, ja, tuurlijk.’ Ze vertelt opnieuw over haar vertrekplannen. Zeegers zegt dat hij met haar wil spreken. ‘Nee, nee, nee!’ reageert Shirley. ‘Je kent Joop niet. Joop is net Holleeder.’
Een omineus bericht van de CIE, een angstige bardame, een gewelddadige vriend, een verontruste ex-advocaat en de naam Holleeder. Het maakt de aanwezigheid van Shirley O. in de woning van de dode Bram Zeegers op zijn minst pikant. Blijkbaar is hij een jaar voor zijn dood op de hoogte van de problemen van zijn Braziliaanse vriendinnetje. Hij vraag zelfs of de ‘trieste situatie’ iets te maken heeft met de Heineken-ontvoerder. En dat is vreemd. Want de gesprekken worden afgeluisterd in de periode waarin Zeegers zijn kluisverklaringen over Holleeders vermeende afperspraktijken aflegt bij het Openbaar Ministerie. En in geen van die vijftien getuigenissen wordt met een woord gerept over de problemen rond Carmen Café. Zweeg Zeegers hier bewust over? Heeft hij misschien verklaringen afgelegd die – nog – niet zijn geopenbaard? Of is hij wellicht de bron die de CIE van informatie voorzag?
Het zijn slechts een paar summiere verwijzingen naar ‘problemen met Holleeder’. In mei 2006 wordt Shirley als getuige ondervraagd. ‘Ik heb het met mijn vriend overlegd. Ik mag niet met jullie praten. Als ik dat wel doe dan heb ik een probleem met mijn vriend.’ In juni proberen de politiemensen het nog eens. Ze zoeken Shirley op in Carmen Café. Ze confronteren haar met informatie die is binnengekomen bij de recherche: de Braziliaanse zou korte tijd ontvoerd zijn geweest. ‘Shirley O. zei ons dat zij op dat moment geen verklaring wilde afleggen.’
Dekmantel
Maar er is meer. Shirley’s ex-vriend Joop B. heeft eerder ook een rol gespeeld in een ander explosief strafdossier, dat tegen onderwereldadvocaat Evert Hingst. Wat blijkt? Joop B. heeft in 2004 een restaurant op zijn naam dat volgens een informant van de CIE feitelijk eigendom is van de Amsterdamse beroepscrimineel John Mieremet. Hingst zou voor Joop B. een coderekening in Luxemburg hebben geopend waarmee het restaurant Valaire in de Amsterdamse Scheldestraat is gefinancierd. Het is volgens de speurders van justitie een dekmantel voor een witwasinvestering van Mieremet. ‘De bedrijfsstructuur achter Valaire is een ondoorzichtige, in het verband met het uitkomen bij een Antilliaans trustkantoor,’ schrijft de verbalisant.
Als B. in 2004 wordt aangehouden en er een vuurwapen in zijn woning wordt gevonden, scheldt hij vooral op zijn ondervragers. ‘Dat pistool heb ik voor jullie. Als ik dit geweten had, had ik me doodgevochten. Dan was ik niet zomaar meegegaan.’ Hij stelt dat de politie de
hoofdverdachte ‘niet eens heeft aangehouden’. Joop B. lijkt daarbij op Evert Hingst te duiden. ‘Bewijzen jullie maar dat ik heb witgewassen.’
Met de dood van Hingst (31 oktober 2005) is het witwasonderzoek naar Valaire gestopt. Toch toont het dossier overeenkomsten met andere strafzaken: ondoorzichtig gesteggel om vastgoed in keurige Amsterdamse wijken. Ook in de zaak-Valaire gaat het om onroerend goed dat na Endstra’s dood problemen veroorzaakt in de hoofdstedelijke vastgoedscene, ruzie om een pand dat feitelijk wordt toegeschreven aan John Mieremet.
‘Van sommige zaken kan je maar beter afblijven,’ zegt een getuige in het Holleeder-onderzoek. Hij doelt op kantoren aan de Dam, afkomstig uit de Endstra-erfenis. Van die beleggingen wordt ook gezegd dat Mieremet er in investeerde. Hetzelfde scenario schetst justitie bij de vermeende afpersing van de criminele vastgoedhandelaar Kees Houtman. Houtman zou door Holleeder onder druk zijn gezet toen hij in Amsterdam-Zuid een pandje uit de ‘Mieremet-Endstra-stal’ wilde kopen.
De affaire-Valaire past in die context. ‘Joop B. heeft last gekregen met de tegenstanders van John Mieremet,’ zegt een betrokken jurist. ‘Omdat Joop in een belegging van Mieremet zat, zijn ze bij hem gekomen. Toen was het: betalen of het pand afstaan.’
Shirley, de protégé van Zeegers, en haar vriend Joop blijken ook verdacht te zijn geweest van handel in vertrouwelijke politie-informatie. Dit beweren twee kennissen van Shirley O. onafhankelijk van elkaar. Shirley stond volgens hen in contact met een politieman. Het Amsterdamse korps meende dat deze agent gevoelige gegevens over de criminelen doorspeelde aan Shirley en Joop B. De agent is vorig jaar geschorst.
Wat deed Bram Zeegers in het gezelschap van Shirley O.? Het is een lange zin, maar leest u even mee: de oud-adviseur van de vermoorde Endstra die heeft getuigd tegen de hoofdverdachte in de zaak-Holleeder had een relatie met een vrouw wier vriend volgens justitie een stroman was van Mieremet en die naar verluidt werd afgeperst door de Heineken-ontvoerder en de zijnen, een gerucht waarvan Zeegers op de hoogte was, maar waarover hij niet verklaarde bij justitie.
Het kán toeval zijn. Want niets is onmogelijk in dit dossier.
