VN MediagidsLeugentje tegen lekkage

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Justitie / crime 22.04.2006

Door Harry Lensink / Marian Husken

Volgende week staat rechercheur Sjaak K. voor de rechter. Hij wordt verdacht van corruptie. Met zijn arrestatie hoopt het Amsterdamse korps eindelijk verlost te zijn van hardnekkige ‘lekkage’. Om hem te betrappen, bracht justitie een verzonnen proces-verbaal in omloop. Hoe gevaarlijk is dat? ‘Het is spelen met vuur.’

Nietsvermoedend nam de Amster­damse rechercheur Sjaak K. (49) op 9 januari 2006 de brief aan van zijn chef. Hij moest de envelop naar zijn collega’s in Driebergen brengen. Halverwege stopte de politieman bij een tankstation en opende omzichtig het poststuk. In zijn handen had hij een proces-verbaal van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) met gevoelige informatie. Gretig las de rechercheur over hoe de vriendin van de gedetineerde drugs- en wapenhandelaar Mink K. vier dagen later een ontmoeting zou hebben met een bekende crimineel in een Vinkeveens vakantiehuisje. Het gesprek zou gaan over geld.

Sjaak K. schreef de tekst snel over en stopte het proces-verbaal terug in de enveloppe. Hij wist niet dat de rijksrecherche live meekeek en -luisterde. Zijn auto zat vol camera’s en microfoons. Ook was de rechercheur zich er niet van bewust dat hij een fake bericht in handen had. De rijksrechercheurs hoopten dat hij het belangrijk genoeg zou vinden om door te spelen naar de onderwereld.

Ze hielden hun collega al een tijdje in de gaten. Sjaak K. was betrokken geweest bij veel grote onderzoeken, bijvoorbeeld naar de Hells Angels en naar de liquidatiegolf in Amsterdam. En juist uit die dossiers was informatie gelekt naar het misdaadmilieu, advocaten en de media. De lekkage leidde ertoe dat menig onderzoek in schoonheid stierf, tot grote frustratie van de opsporingsdiensten. Verschillende pogingen om het lek te dichten, waren al gestrand.

Het werd echt precair toen in 2003 vertrouwelijke stukken over de afrekeningen in de hoofdstad op straat lagen. Daarop verschenen er in de media bloedstollende verhalen over de vetes tussen de bendes van Mink K. en de Joegoslavische gangster Jotsa, waarbij de processen-verbaal als bron dienden. In die verbalen werd zelfs gesproken over een ‘dodenlijst’, waarop de namen van bekende criminelen stonden.

Opvallend is dat in het strafdossier tegen Sjaak K. ook het lekken van enkele uiterst geheime stukken is opgenomen, die slechts bekend waren bij vier hoge opsporingsambtenaren: de officieren van justitie Plooy en Van Straelen en de Amsterdamse CIE-chefs Van Looyen en Van Ommeren. Als K. hierbij betrokken is geweest, ging hij kennelijk zeer geraffineerd te werk.

Pas in 2005, toen een op handen zijnde aanhouding van Hells Angels voortijdig bij de motorclub bekend werd, kwam Sjaak K. volledig in beeld als mogelijk ‘het grote lek’.

De rechercheur bleek bevriend met oud-politeman Hans van E. Deze had het Amsterdamse korps moeten verlaten omdat hij volgens zijn bazen ‘niet zuiver op de graat’ was. Van E. heeft al sinds jaar en dag Nico Meijering als advocaat. Meijering is tevens een van de raadslieden van Mink K. Deze topcrimineel, die sinds 1999 vastzit, staat er om bekend altijd goed op de hoogte te zijn van lopende onderzoeken en naderende arrestaties.

Voor de rijksrecherche was daarmee de cirkel rond. Wat gebeurde er namelijk toen Sjaak K. in januari het fake proces-verbaal in handen kreeg? Hij nam kort daarna contact op met zijn oud-collega Van E. Die werd ook in de gaten gehouden en dus zag de rijksrecherche hoe Van E. op zijn beurt naarstig probeerde telefonisch contact te krijgen met Meijering, kennelijk met de bedoeling om zo de informatie bij diens cliënt Mink K. te krijgen. Dat lukte uiteindelijk niet, want op 16 januari werden Van E. en Sjaak K. gearresteerd.

Justitie lijkt succes te boeken met een unieke opsporingsmethode: uitlokking met een fake proces-verbaal. ‘Dat is minder onschuldig dan het lijkt,’ zegt strafrechtgeleerde Ybo Buruma. Hij was in de jaren negentig adviseur van de parlementaire onderzoekscommissie naar opsporingsmethoden.

‘Je maakt als overheid vuile handen. Het is gevaarlijk om desinformatie te verspreiden, want je weet nooit wat er met die gegevens gebeurt.’ Buruma memoreert de strijd tegen de IRA, waarbij de Britse opsporings-instanties ook fake berichten verspreiden. ‘Dat heeft mensen het leven gekost. Het is spelen met vuur.’