VN Mediagids'Lekkende' geheim agent niet vervolgd
Het Haagse OM trekt het hoger beroep in tegen oud-AIVD'er Paul H. Dat heeft de advocaat-generaal aan de vooravond van de behandeling van H.'s zaak bekend gemaakt. In 2007 werd de ex-geheim agent veroordeeld tot twee jaar cel voor het ontvreemden van ‘staatsgeheime’ documenten.
Het intrekken van het hoger beroep is een opmerkelijke stap van het OM. De aanklacht bij de rechtbank - in eerste aanleg – was fors en ging gepaard met veel publicitair tumult. Paul H. werd ervan beschuldigd dat hij documenten had gestolen van zijn oud-werkgever, de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD, voorheen BVD). Daarnaast hield het OM de geheim agent verantwoordelijk voor het lekken van deze ‘staatsgeheime’ stukken. Via de onderwereld zouden de documenten in handen zijn gekomen van verslaggevers van De Telegraaf. Het ging om onderzoeken naar corruptie: criminelen zouden aan politie en justitie vele miljoenen hebben betaald voor vertrouwelijke informatie.
De gijzeling
Volgens officier van justitie Evert Harderwijk had het ochtendblad de BVD-informatie gekregen van twee ‘zakenpartners’ van H. Een van hen had de stukken bij Paul H. thuis ontvreemd en daarna aan De Telegraaf verkocht. Het mogelijk motief voor het duo was wraak. Ze hadden nog geld te goed van H. uit enkele gezamenlijke mislukte vastgoedinvesteringen.
De verslaggevers Bart Mos en Joost de Haas weigerden echter dit vermoeden van het OM te bevestigen. Ze beriepen zich op hun verschoningsrecht en wilden niet onthullen wie hun bronnen waren geweest. Op last van de rechter werden ze gegijzeld, maar ook daarna hielden ze hun mond. De gijzeling zorgde voor veel ophef: ‘Laat ze vrij’, luidde de paginabrede kop voorop De Telegraaf.
Halve vrijspraak
Ondanks alle ophef ging het tumultueuze proces echter uit als een nachtkaars. Het OM eiste vijf jaar celstraf tegen Paul H. Maar de rechtbank achtte alleen bewezen dat de oud-AIVD’er ‘staatsgeheime informatie onder zich had gehad, zonder daartoe gerechtigd te zijn’. Daarvoor kreeg hij twee jaar celstraf opgelegd. Voor de andere feiten werd de geheim agent vrijgesproken.
Het OM tekende meteen bezwaar aan tegen dit vonnis. Paul H. en zijn raadsman Bas Martens gingen ook in hoger beroep. De advocaat zegt voldoende bewijs te hebben om bij het Haagse hof aan te tonen dat er bij zijn cliënt geen staatsgeheimen lagen.
Kleintje Muurkrant
In juni 2008 – dus na de uitspraak van de rechtbank - deed Paul H. aangifte bij de rijksrecherche tegen de website Kleintje Muurkrant. Hij klaagde de site aan wegens laster. Ondanks de uitspraak van de rechtbank bleef Kleintje Muurkrant beweren dat H. betrokken was bij het lekken en verkopen van AIVD-informatie. Uit de citaten in deze berichtgeving blijkt volgens H. en zijn advocaat bovendien dat de website over dezelfde stukken beschikt als die waarvoor de ex-AIVD’er vervolgd werd. Maar het OM weigerde nader onderzoek te doen of de website te vervolgen. ‘De inhoud van het artikel geeft geen aanleiding om te veronderstellen dat het staatsgeheime informatie betreft,’ schreef het OM aan advocaat Martens.
H.’s raadsman pikte dit niet en diende hierover een klaagschrift in bij het Haagse gerechtshof. De raadsheren achtten de klacht ongegrond: slechts de staat kan vaststellen of iets staatsgeheim is of niet. En slechts de staat – en dus niet een privé-persoon – kan aangifte doen. ‘Namens de staat is evenwel geen aangifte gedaan tegen Kleintje Muurkrant,’ schrijft het Hof.
Zelfde bron
‘Het gaat ons om de willekeur van de overheid om iemand te vervolgen,’ stelt Martens. ‘Waarom wordt niet uitgezocht hoe de internetsite aan die vertrouwelijke informatie van de inlichtingendienst komt?’ De advocaat legt het uit: ‘De rechtbank heeft op basis van het artikel in De Telegraaf de herkomst van de geclassificeerde informatie aan Paul H. toegeschreven. Ze hebben echter niet kunnen vaststellen hoe de krant aan deze rapporten is gekomen. Ze nemen dus aan dat het van hem komt. Maar uit getuigenverklaringen is komen vast te staan dat meerdere mensen op de afdeling van de AIVD/BVD waar H. werkte toegang hadden tot deze stukken. Iedereen kon er kopieën van maken.’
Paul H. kent de inhoud van de betwiste stukken vanuit zijn vroegere functie, zegt zijn raadsman. ‘Mijn cliënt stelt daarom dat Kleintje Muurkrant dezelfde AIVD-documenten tot zijn beschikking heeft als waaruit De Telegraaf heeft geput. Paul H. ontkent echter dat het materiaal van hem afkomstig is. We hopen dat we dat aan de nieuwe rechters duidelijk kunnen maken.’
Woensdag 25 maart is de eerste zitting van de zaak-Paul H.
