VN MediagidsHolleeder-advocaat wil snel uitgewerkt vonnis
Jan-Hein Kuijpers, de advocaat van de onlangs veroordeelde Willem Holleeder, hoopt dat de rechtbank snel met een uitgewerkt vonnis komt. ‘Mijn cliënt is ernstig ziek. We willen vertraging voorkomen.’
Willem Holleeder werd op 21 december 2007 door de Haarlemse rechtbank schuldig bevonden aan de afpersing van Willem Endstra, Kees Houtman en Rolf Friedländer. Hij werd veroordeeld tot negen jaar cel (zie ook: ‘Vonnis Willem Holleeder: negen jaar cel’). Kort na de uitspraak ging Holleeder in beroep.
Wettelijk is vastgelegd dat een verdachte maximaal 180 dagen in voorarrest kan worden gehouden. Daarna moet het hoger beroep beginnen (dus uiterlijk op 22 juni 2008), anders dient de verdachte te worden vrijgelaten. Voor die ‘deadline’ krijgen de partijen het uitgewerkte vonnis. Dat kan ook een week voor aanvang zijn.
Maar Jan-Hein Kuijpers wil die uitwerking graag zo snel mogelijk. Tot op heden beschikt de advocaat slechts over het verkorte vonnis van de rechtbank. Daarin ontbreken de zogenaamde ‘bewijsmiddelen’ (de verwijzingen naar de onderliggende stukken die aangeven hoe de rechters tot hun beslissing zijn gekomen). Kuijpers: ‘We moeten een appélmemorie schrijven, maar van het verkorte vonnis van de rechter kan ik geen chocola maken.’ De raadsman wil straks bij het hof voortvarend van start, omdat Holleeder graag snel duidelijkheid wil. ‘Mijn cliënt is ernstig ziek. We willen vertraging voorkomen. Hij heeft recht op een snelle procedure.’
Kuijpers gaat er vanuit dat Willem Holleeder vanaf begin februari ‘gewoon’ gedetineerd zal zijn in de Scheveningse gevangenis. De veroordeelde Heineken-ontvoerder zit nu nog in het EBI-regime (wegens vluchtgevaar of levensgevaar heeft een gevangene dan zeer beperkte privileges), maar volgens de advocaat zijn er geen ernstige bezwaren meer om dat regime voort te zetten.
Ondertussen wordt er in de media gespeculeerd over Holleeders mogelijke rol bij de liquidaties van onder andere Willem Endstra en John Mieremet (zie ook ‘Wie is wie in liquidaties’). Advocaat Kuijpers benadrukt dat zijn cliënt officieel nog nergens van wordt verdacht. ‘En Willem heeft er ook niets mee te maken. Hij ergert zich er blauw aan dat zijn naam steeds weer opduikt.’
