VN MediagidsDag 4: Holleeder: ‘Ik was slechts een boodschappenjongen’

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Justitie / holleeder / crime 17.09.2007

Door Harry Lensink / Marian Husken

Vastgoedhandelaar Johnny Wijsmuller (Zie ook: De nevelige nering van Johnny Wijsmuller), alias Tarzan, zat volop in zaken met Turken, maar werd tegelijkertijd door ze afgeperst, meent het openbaar ministerie. Daarbij zat Willem Holleeder aan de knoppen. ‘Het is te lullig voor woorden’, zei de verdachte op de vierde dag van zijn proces.

Het Wijsmuller-dossier is ingewikkeld. Toch ploegt de rechtbank zich op maandag 17 september 2007 in ras tempo door de eerste helft deze bonte verzameling vermeende ongerijmdheden. Dat is mede te danken aan de steeds terugkerende stellige ontkenning van de hoofdverdachte. Volgens Holleeder had hij geen enkele rol in het beweerd ongerief van vastgoedman Wijsmuller. ‘Ik was slechts een boodschappenjongen.’

Holleeder was er van op de hoogte dat de relatie Endstra-Wijsmuller niet helemaal gladjes liep. ‘Endstra klaagde altijd over de politie-invallen bij Wijsmuller.’ Holleeder heeft naar eigen zeggen Endstra aangeraden te kappen met zijn zakencontact. '"Ja, dat ga ik doen", zei Wim Endstra dan. Maar dat deed ie nooit. Het was net als met z’n schuldeisers. Endstra zei: "ik betaal", maar deed dat dan niet.'

Kerstpakket
De Heineken-ontvoerder kent Wijsmuller als een 'aardige, vrolijke man' met wie hij wel eens een biertje heeft gedronken en die af en toe langskwam op het kantoor van Endstra. Ook werd Holleeder door Endstra af en toe op pad gestuurd om papieren naar Wijsmuller te brengen. Of een kerstpakket. 'Was u soms Endstra’s koerier?' vroeg officier van justitie Koos Plooij zich af.
Holleeder: ‘Nee, dat gaat me te ver.’
Plooij: ‘Boodschappenjongen klinkt een beetje denigrerend.’
Holleeder: ‘Ja, maar dat heb ik dan toch liever.’
Waarom nam de zakenman het risico om Holleeder, iemand met zo’n besmette naam, op pad te sturen naar zakenrelaties, vroeg Plooij. 'Ze zien u komen met kerst.' Holleeder: 'Dat waren dan mensen die geen moeite met me hadden. Maar anderen voelen zich inderdaad om wellicht begrijpelijke redenen opgelaten. Endstra wilde me een kans geven. Zoiets groeit. Dat is niet zwartwit. Uiteindelijk ontmoette ik ook bankdirecteuren.'

In het dossier Wijsmuller zitten tal van verklaringen waaruit zou kunnen blijken dat de verhouding Wijsmuller-Holleeder niet geheel gelijkwaardig was – en misschien wel niet vrijwillig. De rechter citeert bijvoorbeeld een receptioniste die vertelt dat de meeste zakenrelaties van Wijsmuller bij een afspraak een moment moesten wachten. Ze liet ze in 'het zitje' bij de entree plaatsnemen tot de zakenman tijd voor ze had. 'En ze heeft Willem Holleeder nog nooit in het zitje gezet', leest de rechter voor. Voor de Heineken-ontvoerder zou Wijsmuller altijd spoorslags naar beneden komen.

Onzin, meent Holleeder. 'Het is te lullig voor woorden. Ik heb John Wijsmuller nog nooit als een haas naar beneden zien komen.' Als hij bij Wijsmuller op kantoor kwam, dan kwam hij al niet verder dan de receptie. Als werknemers van Wijsmuller vertellen dat Holleeder niet echt 'vriendelijk' was, vindt de verdachte dat 'flauw'. 'Ik probeerde juist extra m’n best te doen. Ik heb een gezicht dat misschien stug overkomt, maar ik ben van nature gewoon aardig.'

Ongemakkelijk
In ras tempo behandelt de rechter vervolgens verschillende mogelijke afperstrajecten uit het Wijsmuller-dossier. Het Spaanse Gata de Gordos, de Franse Villa Skyros, de toch behoorlijk explosieve Dinernotitie en investeringen in wasserette de Schoonheid. Het antwoord is keer op keer hetzelfde. Holleeder weet van niets. 'Over Endstra’s zaken met John Wijsmuller hoorde ik nooit wat.' Zijn 'weet ik niks van' klinkt zo vaak, dat de verdachte zich er ongemakkelijk bij gaat voelen. Dat wil hij wel even kwijt aan de rechters. 'Elke keer als ik zeg dat ik er niets van weet, bedoel ik ook echt dat ik er niet van weet. En niet dat ik er niets over wil zeggen.'

Maar hoe kan het dan dat er toch zoveel getuigen zijn die Holleeder bij Wijsmuller hebben gezien in gezelschap van andere afpersverdachten Ayan T. en Ozan T.? 'Zo gaat dat als je continu media-aandacht krijgt. Als de politie jaar in, jaar uit mensen vraagt of ze door mij zijn afgeperst. Misschien gaan mensen het dan interessant vinden om iets lulligs over mij te zeggen.'

Senol T. kent Holleeder sinds 1996, uit de sportschool in Purmerend. 'Ik heb geen zakelijke relatie met hem. Wat hij voor werk doet weet ik niet. In de zomer eet ik elke dag een ijsje bij de ijssalon in de Scheldestraat. Dat vind ik lekker. Als T. daar buiten op de stoep ook een ijsie staat te eten, dan ren ik niet weg.'

Dashboard
Een andere naam valt in verband met de afpersingen. Die van crimineel kopstuk Dino Soerel, die ook een rolletje zou hebben gehad in de Wijsmuller-afpersing. 'Dino ken ik van vroeger. Daar ging ik wel eens mee eten of drinken. Het is een kennis. Gewoon gezellig, that’s it.' Dus vraagt de rechter meer over zijn aanhouding samen met Soerel op 2 juli 2003 in de PC Hooftstraat. Op datzelfde moment wordt ook Senol T. aangehouden, de vermeende partner in crime van het tweetal. Bij Senol en Soerel vindt de politie in een geheim compartiment van het dashboard geld, drugs en wapens. Holleeder: 'Ik weet er niets vanaf. Ik had met Dino een broodje gegeten bij Anton in de PC.'

Toch ziet de rechter een opmerkelijke overeenkomst tussen de arrestanten. Ze hadden alle drie in hun auto een verborgen ruimte op de plek waar normaliter de airbag zit. Hoe verklaart Holleeder dat Senol, Dino, hij en andere criminelen allemaal diezelfde 'voorziening' in hun wagens hadden laten inbouwen bij garagehouder Jan B. uit Haarlem? 'Willem Endstra had dat', zegt Holleeder. 'Dus had ik dat ook. Endstra gebruikte het voor geld en zo. We wisselden vaak van auto. Toen ik hoorde dat Jan B. ook voor Senol zo’n vak wilde maken, heb ik hem dat afgeraden. Ik had eerder tegen Jan gezegd dat exclusief voor Endstra en mij te houden, anders zou iedereen het weten. "Maar Senol wil ook zo’n kassie", zei Jan. Ik zei tegen hem: "Ja, maar daar hebben we een afspraak over. Vraag het Jan maar, ik denk dat hij zich dat gesprek nog wel herinnert."

Discman
Er zijn meer geheimen die Holleeder voor de rechtbank onthult. 'Endstra nam 24 uur per dag met een discman op in de keuken van het kantoor. Daar ging hij vaak praten met mensen. Het opnameapparaat stond in de kelder. De disc gaf hij aan mij. Die moest ik afluisteren en daarna verstoppen.'

Volgens Holleeder heeft hij ‘tientallen’ discs met dergelijke gesprekken in zijn bezit.
Holleeder en zijn advocaat vragen zich af waarom Endstra wel over veel zaken heeft verklaard bij de recherche, bijvoorbeeld over de afpersing van Wijsmuller, maar geen opnames heeft gemaakt. 'Als dat echt gebeurd zou zijn, dan hadden we daar zeker opnames van gehad', beweerde Holleeder tegenover de rechter. Ergo: de vastgoedman heeft maar wat verzonnen op de Achterbank bij de politie. Als er namelijk echt wat aan de hand was geweest, als hij daadwerkelijk was afgeperst, dan had Endstra wel audiobewijs overleg, stelde Holleeder. Want: 'Endstra nam altijd alles op. Als ik weet had gehad van die afpersingen, had ik hem dat ook aangeraden.'

Toen de verdachte vertelde nog steeds over die opnamen te beschikken, lieten zowel de officieren van justitie als de rechters weten die graag te willen horen. Daar voelt Holleeder echter niets voor. 'Dan ga ik mensen belasten. Weet u wat het is. Ik zit hier voor m’n eigen verhaal. Ik zit hier niet om kenbaar te maken met wie Willem Endstra zaken heeft gedaan.' Als de officier van justitie suggereert dat die gesprekken over witwassen gaan. 'Daar mag je wel van uitgaan, ja.' Hij zegt ze voor zichzelf te houden. 'Voor als ik ze echt nodig heb.'

Wel zegde hij toe 'na te denken over een manier waarop ik de rechtbank duidelijk kan maken dat er opnames werden gemaakt in de keuken'. Dat klonk nogal cryptisch, maar na afloop gaf raadsman Jan-Hein Kuijpers duidelijkheid. 'We zullen enkele opnamen laten horen die zeer belastend zijn voor Willem Endstra. Daarop is Endstra te horen in gesprek met een grote crimineel. Ze hebben het over hun zaken, over hun gezamenlijke belangen en hoe die af te handelen. Ergens komt ook de opmerking voor: "We zijn in de keuken!"'