VN MediagidsDag 3: De verklaring van Bas van Hout
Hij zou een nieuw boek schrijven, maar daar is – tot op heden – niets van gekomen. In plaats daarvan verscheen misdaadjournalist Bas van Hout op donderdag 13 september 2007 in levende lijve in de Amsterdamse Bunker.
Om te getuigen vóór Holleeder. Hij had immers regelmatig contact gehad met de hoofdverdachte in de periode voor diens arrestatie. Ook had de journalist eerder langdurige gesprekken gehad met kopstukken uit de onderwereld die hem vertelden over de positie van De Neus in het milieu. Zo ondervond Van Hout dat Holleeder niet de gevreesde godfather was, 'maar slechts een wagonnetje’.
Het begon allemaal met een schouderklopje. Dat kreeg Van Hout van Willem Holleeder toen de hoofdverdachte werd opgehaald uit de kelder van de Bunker en zijn plaats innam tegenover de rechters. Op dat moment zat Van Hout al klaar in het getuigenbankje om te vertellen over de Frieländer-zaak, een van de vier afpersingen die Holleeder ten laste wordt gelegd. (Zie ook: De Friedländer-casus: mot om een meisje)
Eerder in de eerste zittingsweek had Holleeder zelf betoogd dat hij Friedländer juist had gewaarschuwd, in plaats van afgeperst. Ook weersprak hij de verdenking van het OM dat hij samenwerkte met de twee inmiddels vermoorde misdaadkopstukken Sam Klepper en John Mieremet. De kwestie ligt een stuk delicater, stelde de hoofdverdachte. Hij was slechts een vooruitgeschoven post van Willem Endstra, iemand die Klepper en Mieremet informeerde over hun ‘beleggingen’ bij de vastgoedman. Holleeder heeft naar eigen zeggen niets van doen gehad met de - moorddadige - praktijken van Spic en Span.
Geweldsmakelaars
Bas van Hout was door de verdediging opgeroepen om dat verhaal te bevestigen. Allereerst wilde de raadsman van Holleeder weten hoe de journalist in contact was gekomen met zijn cliënt, en met Klepper en Mieremet. ‘Dat was in 1996, toen ik bezig was met de research voor De Jacht op de Erven Bruinsma (het boek verscheen in 2000, red.)’, aldus van Hout. ‘Ze waren de geweldsmakelaars van Nederland.’ Hij sprak voornamelijk met Sam Klepper. ‘Ik heb Willem Holleeder een aantal keren in hun gezelschap gezien in die periode. We mochten elkaar niet. Pas na de moord op Klepper in 2000 ontstond er een journalistieke vertrouwensband. Hij is altijd heel correct geweest. Er ging geen dreiging van hem uit, hij heeft me nooit geïntimideerd. Wel was hij een vrij dominante gesprekspartner.’
Van Hout grijpt de gelegenheid aan ‘om even wat recht te zetten’, namelijk de veronderstelling als zou hij bevriend zijn met Holleeder en door deze worden gestuurd. ‘Onzin. Ik kom niet op zijn verjaardag. In dit metier is het al snel van "gappie" en "vriend". Zo noemde Willem mij. Ik heb wel eens gezegd dat ik dat liever niet heb. Vanaf dat moment, als ik hem tegenkwam, zei hij: "Hallo kennis." Ja, dat is zijn humor.'
Wagonnetje
Dan stelt Jan-Hein Kuijpers de hamvraag. Waarom werd Willem Holleeder in die tijd zo vaak gezien met Klepper en Mieremet? 'Uit lijfsbehoud', beweert Van Hout. Volgens de misdaadjournalist fakete Holleeder zijn vriendschappelijke relatie, omdat hij anders door de twee zou worden vermoord. Van Hout: 'Wij zijn de NS, zei Klepper ooit tegen mij. Wij laten de trein rijden. Holleeder is slechts een wagonnetje. Dat koppelen we los als wij dat willen.’
Dat ‘wagonnetje’ heeft ook het leven van Pel Friedländer gered, blijkt uit het betoog van Van Hout. De zoon van Rolf Friedländer had een verhouding met een meisje dat ook omging met Johnny Mieremet. Voor de laatste was dat voldoende reden om Pel te vermoorden. ‘Daar heeft Holleeder lucht van gekregen’, aldus Van Hout. Daarop zou de Heineken-ontvoeder hebben geprobeerd om het duo van hun plannen te weerhouden. ‘Hij heeft gezegd: zijn jullie wel goed bij je hoofd? Holleeder appelleerde aan hun morele besef.’
Hoewel het criminele tweetal gehoor geeft aan de oproep van Holleeder, zijn ze niet onder de indruk van diens status. Van Hout: ‘Klepper deed daar heel denigrerend over. Hij zei: "Mensen hebben een bepaalde indruk van Holleeder. Ze vrezen hem. Dat is onterecht." Volgens Klepper had Holleeder een misplaatst imago van geweld en de dreiging met geweld. Hij maakte duidelijk dat Holleeder niet in hun league thuis hoorde. Hij gebruikte zoiets als het woord "mietje". Hij zei: Willem Holleeder was erbij, maar hoorde er niet bij.’
Allesweter
De crime story die Van Hout die donderdag bij de rechter oplepelt, geeft weliswaar een nieuw perspectief, maar wekt ook wrevel. Vooral bij het openbaar ministerie. Van Hout heeft zijn kennis van mensen die het niet kunnen navertellen, daarmee is het oncontroleerbaar, verwijt officier van justitie Koos Plooij de getuige enkele malen.
Maar de misdaadjournalist heeft nog een bron, eentje die nog in leven is. Helaas, hij kan diens naam niet vertellen. ‘Laten we hem de Allesweter noemen’, suggereert Van Hout. ‘Het is iemand die boven de partijen staat, die het respect van iedereen geniet.’ Vervolgens schets hij een ingewikkeld en ingenieus spel, een driehoeksverhouding tussen het duo Klepper en Mieremet, Willem Holleeder en de Allesweter. De laatste zou Holleeder hebben gewaarschuwd dat zijn leven gevaar liep. Van Hout: ‘Klepper en Mieremet gebruikten Holleeder, omdat hij een ingang had bij Willem Endstra. De Allesweter had informatie dat Cor van Hout, Rob Grifhorst (een zakenpartner van de Heineken-ontvoerders, red.) en Willem Holleeder uiteindelijk zouden worden vermoord. De Allesweter heeft Holleeder gewaarschuwd.’
Dat de Allesweter contact had met Holleeder, moest strikt geheim blijven, aldus Van Hout. ‘De Allesweter heeft Holleeder verteld hoe hij zich moest gedragen. Er mocht nooit duidelijk worden dat er een band tussen hen was. Ze hebben zich in eerste instantie neutraal opgesteld tegenover elkaar en later zelfs de indruk gewekt dat ze gebrouilleerd waren.’
De Dissonant
Opnieuw wekt zijn verhaal schampere reacties bij de officieren van justitie. ‘Of uw bronnen zijn dood of u wilt hun naam niet noemen’, krijgt Van Hout te horen. Ook rechtbankvoorzitter Rino Verpalen kan niet nalaten om met Van Houts betoog de draak te steken. Hij concludeert uit het verhaal dat er één Allesweter is, verder enkele veelweters, 'en 'misschien ook nog betweters?’
In een eerdere verklaring sprak Van Hout over de Dissonant, een wanklank in de relatie tussen Mieremet en Klepper. Wie is dat, die Dissonant, willen de officieren van justitie weten. ‘Dat is Holleeder. Holleeder is de dissonant. Klepper zei over Holleeder: je kan hem beter dichtbij houden dan veraf. Hij zag Holleeder als een potentieel gevaar, vertrouwde hem niet. Door de tussenkomst van hem ging de relatie tussen Mieremet en Klepper craquelé vertonen. Willem Holleeder was het Paard van Troje.’
Officier van justitie Saskia de Vries: ‘Maar een Paard van Troje wordt toch altijd gestuurd? Door wie dan?’
Van Hout: ‘Bij mijn weten niet. Hij was gecamoufleerd, hij toonde niet zijn ware gezicht.’
Koos Plooij: ‘Bij mijn weten is een Paard van Troje mooi van buiten, maar zit er iets vreselijks in.’
Dan interrumpeert Willem Holleeder. ‘Bij mij is het andersom. Ik ben lelijk van buiten, maar van binnenuit zit iets moois.’
Drugssmokkel
De reden waarom Van Hout – opnieuw – veel gesprekken voerde met kopstukken uit de onderwereld, werd al duidelijk toen Holleeder begin 2006 werd gearresteerd. De hoofdverdachte liet hij in zijn eerste en enige verklaring bij de recherche de naam Bas van Hout vallen. Holleeder vertelde dat de misdaadjournalist met een boek bezig was, ‘waarin de waarheid omtrent Willem Endstra’ zou worden onthuld. ‘Dat boek zou gaan over het drugsgeld uit de IRT-tijd’, vertelt Van Hout de rechters. Volgens hem heeft hij inmiddels een aardig beeld waar die honderden miljoenen guldens, verdiend met door de overheid gecontroleerde drugssmokkel, is gebleven. Het is echter nog steeds niet af en Van Hout ziet voorlopig geen kans om het uit te brengen, beweert hij. ‘Er zijn te veel bronnen weggevallen uit die club.’ De mensen zijn volgens hem dood of zitten vast.
Hoe dan ook, de kern van zijn verhaal is dat veel van dat IRT-geld is geïnvesteerd door Willem Endstra. Van Hout citeert opnieuw Sam Klepper. ‘Ik zat ooit met Klepper in café Lexington. Toen wees hij naar een man in pak die aan de bar zat. “Dat is de allergrootste”, zei Klepper. Dat was Willem Endstra.’
Cryptisch
Volgens Van Hout heeft diezelfde Klepper hem ooit onthuld dat hij achter de – mislukte – liquidatiepoging op XTC-handelaar Ronald van Essen in 2000 zat. ‘Ik was in Frankrijk. Klepper belde me met een euforisch enthousiasme. Hij vertelde hoe het gebeurd was, hoe er geschoten was. Hij liet cryptisch en impliciet doorschemeren dat de aanslag in opdracht van Willem Endstra was gepleegd.’
Dan volgt de crux van Van Houts verhaal. Criminelen hebben volop geld ingelegd bij Willem Endstra. Honderden miljoenen die de vastgoedhandelaar nooit heeft terugbetaald. Die hij niet terug wilde betalen. ‘Als ze hun geld opeisten kregen ze met geweld te maken. Er ging dreiging uit van Willem Endstra. Mensen waren onder de indruk van hem.’
Hoe kan een zakenman als Endstra angst inboezemen bij keiharde criminelen, wil Holleeders advocaat weten. ‘Hij had mensen achter zich staan’, weet Van Hout. Endstra beschikte volgens hem over een geweldsdivisie die schuldeisers op afstand hield. Of erger.
De opmerkingen van Van Hout doen officier van justitie Koos Plooij naar de microfoon grijpen. Hij wil nu wel een keer een naam horen. Van wiens gewelddadige diensten maakte Willem Endstra gebruik? Van Hout wil het niet zeggen. ‘Dan breng ik mensen in de problemen. Het is ruis, het zijn roddels. Als ik het vertel is mijn rol als misdaadjournalist over.’
Plooij krijgt steun van de rechtbank. Ook Rino Verpalen wil deze keer graag horen om wie het gaat. Maar Van Hout persisteert. Het lijkt er even op of het openbaar ministerie de misdaadverslaggever wil laten gijzelen om zodoende de gewenste informatie te achterhalen. Maar na de lunchschorsing zegt Plooij hiervan af te zien. ‘Het is een te zwaar middel, dat in geen verhouding staat met de waarde van deze verklaring.’
