VN MediagidsDe woorden van Ad van T.
In het hoger beroep tegen Willem Holleeder is donderdag het verhoor van zakenman Jan-Dirk Paarlberg uitgesteld. De verdediging is ontstemd over ontbrekende stukken, onder andere een verklaring van fiscaal adviseur Ad van T. Wat heeft deze te melden? VN las het proces-verbaal van zijn laatste ondervraging.
Hij is zeker al tien keer aan de tand gevoeld. Door financieel-economische rechercheurs, door advocaten, door officieren van justitie en door de rechter-commissaris. Toch is het verhaal van Ad van T. (1962) niet compleet. Op 23 september 2008 is hij opnieuw ondervraagd bij de rechter-commissaris. En opnieuw heeft de fiscaal adviseur uitleg gegeven over zijn betrokkenheid bij de transacties tussen Willem Endstra en Jan-Dirk Paarlberg.
Het proces-verbaal van dat laatste verhoor zat tot donderdag 21 januari niet in het Holleeder-dossier. Uitgerekend op de dag dat Jan-Dirk Paarlberg als getuige werd gehoord in het hoger beroep tegen Holleeder, kwam het Openbaar Ministerie met het stuk op de proppen. Getuige Paarlberg en zijn advocaat hadden het proces-verbaal al wel gelezen, want de zakenman is verdachte in een ander, parallel onderzoek, waarin Paarlberg wordt gezien als de witwasser van miljoenen die Endstra aan hem heeft overgemaakt. En in dat onderzoek is op 23 september Ad van T. voor het laatst verhoord.
Toen Paarlberg donderdag tijdens het getuigenverhoor refereerde aan de recente woorden van Ad van T. veerde de verdediging op. Waar was dat proces-verbaal? Waarom hadden zij dat niet? Het leidde tot toorn bij de raadslieden: hoe konden zij Paarlberg ondervragen als ze niet alle informatie hebben? Holleeder-advocaat Stijn Franken vroeg om uitstel en kreeg die van het Amsterdamse hof. Begin februari gaat het Paarlberg-verhoor verder. Dan heeft de verdediging de tijd gehad om de nieuwe stukken te bestuderen.
Wat staat daar in? De meest recente verklaringen van Ad van T. maken duidelijk waarom Paarlberg en zijn advocaat er zo graag aan refereren. Op cruciale punten geeft de fiscalist duidelijk tekst en uitleg over de geldstromen. Bijvoorbeeld als het gaat om het geld dat Endstra heeft betaald voor de zeejachthaven in IJmuiden. Volgens het OM zijn deze transacties uit begin 2003 verzonnen ‘titels’ om afpersgeld de schijn van legaliteit te geven. Maar volgens Ad van T. had Paarlberg wel degelijk recht op geld van Endstra. Hij heeft in de jaren negentig onder meer een lening van 13 miljoen gulden gegeven aan Holding Seaport IJmuiden, Endstra’s vennootschap waar de haven in zit. In zijn verhoor zegt de fiscalist: ‘In de uitwerking van de verschillende transacties is mij gebleken dat een aantal van die betalingen daadwerkelijk verschuldigd waren. […] Een van de transacties bijvoorbeeld is het aflossen van de leningen Holding Seaport IJmuiden.’ Dat die betalingen legitiem waren, kon hij heel simpel vaststellen, zegt Van T. In de jaarrekeningen van zowel Endstra’s als Paarlbergs vennootschap zag hij dat er sinds eind jaren negentig rente is betaald en ontvangen voor die ‘allang bestaande lening’.
Ook op een ander punt ondergraaft Ad van T. de verdenking van het OM. Endstra zou gedwongen zijn om miljoenen te betalen voor Bayline, een vennootschap die geen waarde zou hebben. Maar volgens de fiscalist zat er in de onderliggende bv wel degelijk een fikse vastgoedportefeuille ter waarde van zo’n tien miljoen gulden. ‘Van Bayline kun je vaststellen dat daar inderdaad een prijs voor is betaald die in overeenstemming was met de waarde zoals die volgens de balans bleek.’ De suggestie dat Endstra twee keer voor de vennootschap heeft betaald, onderschrijft de fiscalist ook niet. ‘Er is mij op geen enkele wijze door hem (Endstra, red.) de indruk gewekt dat er al eerder voor betaald zou zijn.’
Het zijn uitspraken die toch een ander licht werpen op de veelbesproken geldstromen tussen Endstra en Paarlberg. Het zijn ook nuances op eerdere verklaringen van Van T., die de rechtbank bij het vonnis van Holleeder onder meer heeft gebruikt als steunbewijs om tot een veroordeling van de hoofdverdachte te komen.
Van T. is niet de enige cijferaar die een rol speelt in de bewijsvoering. Ook de verklaringen van Endstra-boekhouder Joop van der Haar zijn zeer belastend voor de verdachten – zowel voor Holleeder als voor Paarlberg. Maar ook hier krijgen de veroordeelde afperser (Holleeder) en de vermeende witwasser (Paarlberg) bijval van Ad van T. In zijn laatste verhoor maakt de fiscaal adviseur gehakt van deze Joop van der Haar. Volgens Paarlbergs fiscalist werd Van der Haar van de domme gehouden. ‘Endstra gaf […] aan dat het niet de bedoeling was dat Van de Haar alles zou weten. Dat heb ik ook meegemaakt, dat tijdens [een] bespreking Van der Haar naar buiten werd gestuurd om een sigaretje te roken, omdat toen over de transacties werd gesproken. Het was mij ook duidelijk dat Van der Haar niet alles mocht weten, maar dat was op verzoek van Endstra. Van mij mocht hij best alles weten.’ Van T. vindt het dan ook niet vreemd dat Endstra’s boekhouder het allemaal niet begrijpt. ‘Dat hij het steeds heeft over het bedenken van het winstrecht, maar daar ging het helemaal niet over. Het ging over het vastleggen van het niet volledig kunnen voldoen van de afkoopverplichting.’
Het zijn verklaringen bij ingewikkelde financiële transacties tussen twee mastodonten uit de Amsterdamse vastgoedwereld. Op één punt is het verhaal van Van T. zwak: hij heeft geen schriftelijke overeenkomsten gezien van de afspraken die Paarlberg in de jaren negentig met Endstra heeft gemaakt over al die verschuldigde miljoenen. Van T. heeft er natuurlijk wel eens naar gevraagd, maar er waren domweg geen stukken. Jan-Dirk Paarlberg beaamde het afgelopen donderdag als getuige bij het hof. Ja, er is ooit wel een papiertje geweest, maar dat is ‘zoek’.
Paarlberg heeft er wel een verklaring voor. Zo deed en doet hij zaken. In ieder geval met Willem Endstra: mondeling, met vertrouwen in elkaar. Het is de achilleshiel van Paarlbergs verdediging, maar opnieuw krijgt hij steun van zijn voormalig fiscaal adviseur. Van T. zegt dat hij jarenlang voor zowel Endstra, Paarlberg als andere partijen op deze manier werkte – via mondelinge afspraken. ‘Mij [was] ook wel bekend dat hij (Paarlberg, red.) inderdaad weinig op schrift stelde. Dat ook soms transacties werden afgesproken van vele miljoenen zonder dat er iets op schrift stond.’
Van T. was zelf een tijdlang verdachte. Maar de fiscaal adviseur van vastgoedtycoon Jan-Dirk Paarlberg heeft onlangs een deal gesloten met justitie. Voor 50.000 euro vervolgt het OM hem niet langer. Het is een soort schuldbekentenis: hij geeft toe ‘te weinig kritisch’ te hebben gehandeld. Maar die beleden ‘onzorgvuldigheid’ is nog geen bewijs voor afpersing of witwassen. En ondanks die deal ondersteunt Van T. op belangrijke punten het verhaal van Jan-Dirk Paarlberg.
Het is een opsteker voor witwasverdachte Paarlberg. Maar niet meer dan dat. Tegenover de verzachtende woorden van zijn voormalig fiscalist staan nog steeds de harde beschuldigingen van wijlen Willem Endstra. Zowel in zijn dagboekaantekeningen als in een notariële verklaring die hij voor z’n dood liet dicteren, legt de vermoorde vastgoedhandelaar de zwarte piet wel degelijk bij Paarlberg. ‘Als voor 1 april niet betaald is, wordt alles afgenomen door Paarlberg. Dit voor W.H.’, kriebelde Endstra in maart 2003 op een A4-tje. Daarmee is de discussie over de vermeende afpersgelden weer terug bij af: wiens verhaal gelooft het hof, de van witwassen verdachte multimiljonair uit Maarsen of de geliquideerde ‘bankier van de onderwereld’?
