Carel Peeters' literaire kroniek 14.06.2010

Door Carel Peeters

Wie zijn de interessantste bloggers van de wereld? Niemand die het weet, want tot nog toe heeft niemand zover ik weet de moeite genomen dat systematisch te onderzoeken en er verslag van uit te brengen.

Ik heb het natuurlijk vooral over publieke bloggers, niet over particulieren die de wederwaardigheden van hun leven met enige regelmaat opschrijven voor vrienden en kennissen (al kan daar natuurlijk in theorie ook iets goeds bij zitten). Ik heb het eerder over de categorie Marc Chavannes van NRC Handelsblad, Bernard-Henry Lévy van L’Express en Umberto Eco in L’Espresso (waarvan ook een Engelse versie bestaat). Zij hebben een ‘gewone’ column in de krant of het weekblad waar ze voor werken, maar ook een ‘blog’ waarin ze vaker (een paar keer per week doorgaans) schrijven wat ze op hun lever hebben.

Er moet verschil zijn met gewone columnisten, maar wat is het verschil precies? Schrijven bloggers informeler, kletsen ze meer dan ze schrijven? Zijn ze huiselijker, intiemer, trivialer? Zijn ze geneigd om het grote politieke leven terug te brengen tot de proporties van de binnenkamer? Zijn ze geneigd alles te verkleinen tot het formaat van hun eigen hersenpan? Is het cafépraat of iets dat aan de borreltafel thuishoort? Het genre heeft nog geen kenmerken waar iedereen het over eens is (misschien is dat ook wel goed).

Dus: wie zijn de interessantste bloggers van de wereld? De vraag is geen kleine, maar kan niet anders gesteld worden met een kosmopolitisch medium als internet. Zitten ze bij Slate? Bij Salon? The New Yorker? Bij Die Welt? Bij The Nation? The New Republic? Het aardigste zou zijn als het bloggers zouden zijn die nog geen naam hebben gemaakt als gewone columnist. Dus niet Christopher Hitchens (die wekelijks voor Slate schrijft) of Witold Rybczynski (de schrijver van Home, A Short History of an Idea en van een geschiedenis van de schroevendraaier), die ook voor Slate schrijft. Is er niet iemand in India die een paar keer per week iets schrijft dat je gelezen moet hebben, of iemand in Moskou, of Istanbul (Orhan Pamuk misschien)? Om het echt interessant te laten zijn moet zo iemand natuurlijk schrijven vanuit een literair, kunstzinnig of cultureel perspectief. Op het terrein van de politiek zijn al genoeg gewone columnisten actief, daar valt geen eer meer aan te behalen.

Pierre Assouline
Pierre Assouline

- Dat Assouline veel gelezen en becommentarieerd wordt heeft natuurlijk alles te maken met zijn reputatie voor hij begon te bloggen.

Wie is de meest gelezen blogger en wie krijgt er het meeste (en zinnige) commentaar? Dat moet Pierre Assouline van Le Monde zijn. Hij schrijft twee of drie keer per week op zijn blog La République des livres stukken van duizend tot vijftienhonderd woorden, waarvan er één op vrijdag in Le Mondes des livres op de achterpagina staat. Een paar weken geleden schreef hij over de al dan niet literaire kwaliteiten van Generaal De Gaulle en kreeg daarop (volgens het Duitse weekblad Der Freitag) 1200 reacties. Zijn stuk over de nieuwe roman van Alain Robbe-Grillet 900. Toen hij over de Franse-Duitse essayist en vertaler Georges-Arthur Goldschmidt schreef waren er 1000 reacties. En toen het ging over een grote literaire prijs voor Patrick Modiano: 248.

Wie die reacties bekijkt moet zich door een woud van een- en tweeregelige kreten en andere onzin ploegen, maar stuit ook regelmatig op zinnig commentaar. Vandaar dat Assouline (die zijn blog schrijft sinds 2008) een boek kon samenstellen met waardevolle reacties van zijn lezers: Brèves de blog. Dat Assouline veel gelezen en becommentarieerd wordt heeft natuurlijk alles te maken met zijn reputatie voor hij begon te bloggen. Hij schreef een kleine dertig boeken, waaronder ook romans. Hij is vooral bekend van biografieën over Hergé, Henri Cartier Bresson en George Simenon. En over de kunsthandelaar die het werk van Picasso verkocht: Daniel Kahweiler. Hij was zo’n tien jaar redacteur van het maandblad Lire.

Assouline’s rubriek op vrijdag in de papieren Le Monde heet ‘La vie littéraire’. Dat is precies waar zijn blog ook over gaat: alles wat met het literaire leven te maken heeft. Over uitgeverijen, opmerkelijke nieuwe boeken, prijzen, sterfgevallen, schandalen – maar het is nooit oppervlakkig. Toen onlangs de uitgever Robert Laffont overleed schreef hij eerst een necrologie (hij weet alles van uitgevers omdat hij ook een biografie over Gaston Gallimard schreef), maar later over de grote rol die oudere uitgevers en redacteuren in de Franse literatuur spelen: ‘er is geen leeftijd om te vertrekken' (Il n’y a pas d’age pour décrocher. C’est la nature qui décide).

Gallimard werd 94. Assouline had het niet alleen over de ‘grand-père de l’édition’ Robert Laffont, maar ook over Maurice Nadeau, die nu 99 is, zijn eigen gelijknamige uitgeverij leidt en het tijdschrift La Quinzaine littéraire uitgeeft en redigeert. Bernard de Faillois heeft ook zijn eigen uitgeverij en is 84. Bij Gallimard leest de nu 91-jarige Roger Grenier nog steeds manuscripten van debutanten. Ook werkt Grenier aan het nieuwe boek van de historica Alice Kaplan dat gaat over drie Amerikaanse studenten in Parijs van de jaren vijftig: Susan Sontag, Jackie Kennedy en Angela Davis.

Hoe prikkelend, informatief en onderhoudend Assouline ook is, is hij ook de interessantste literaire blogger?

[reageren]

The Literary Saloon