VN MediagidsRotsblok-gate; Greenpeace onder vuur
Milieu 20.09.2008
Greenpeace kwam de afgelopen weken zwaar onder vuur te liggen omdat ze rotsblokken liet afzinken in de Noordzee. Na Wijnand Duyvendak en minister Jacqueline Cramer richt de volkswoede zich tegen een volgend icoon van de ‘milieumaffia’. De reconstructie van een rel.

De chocoladeletters die 4 september de voorpagina van De Telegraaf sierden, lieten weinig ruimte voor twijfel: '...En nu eruit!'. Minister Gerda Verburg van Landbouw en Visserij had het he-le-maal gehad met Liesbeth van Tongeren. Op de begeleidende foto wijst ze de Greenpeace-directeur met priemende vinger de deur.
Althans, zo lijkt het (zie p. 37). Volgens Van Tongeren wees de minister op een stel kinderen aan wie ze een verhaaltje aan het vertellen was. 'Die foto vertekent enorm. Ik stond gewoon te luisteren. Pas op een later moment werd ik weggestuurd.'
Want dat gebeurde wél. Twee dagen later, tijdens een open dag op het Greenpeace-schip Sirius, is Van Tongeren nog altijd een tikje beduusd over de actie van de minister. De afspraak om met een groep kinderen langs te komen op het ministerie, vertelt ze, was al lang geleden gemaakt. De kinderen hadden met spandoeken een symbolisch 'zeereservaat' gemaakt waarbinnen het gesprek plaatsvond. Twee van hen zouden daar iets bij vertellen. Mochten ze hun betoogje vergeten zijn, dan zou Van Tongeren souffleren. De avond tevoren had de directeur nog een prettig gesprek gevoerd met de hoogste ambtenaar van Landbouw en Visserij. 'Die vond het leuk dat we kwamen. Want, zei de ambte-naar: "We moeten vooral in gesprek blijven."'
Dat was een veelzeggende mededeling, aangezien de verhouding tussen Greenpeace en het ministerie in de dagen ervoor aanzienlijk was verhard. De milieuorganisatie had rotsblokken afgezonken in een Duits deel van de Noordzee dat op papier al was aangewezen als reservaat, uit protest tegen de verwoesting van beschermde natuur en de lakse houding van de politiek. Van Tongeren: 'Maar toen we aankwamen op het ministerie, zeiden de ambtenaren dat ze alléén kinderen hadden verwacht. Dat vond ik een beetje raar; ze zijn tussen de zeven en tien jaar oud, dus ze gaan niet in hun eentje naar Den Haag. Er waren ouders mee, vrijwilligers, een krat met sinaasappelsap. Het was een en al schattigheid, zo onschuldig als wat.'
Tenminste, dat was de bedoeling. Toen Verburg meedeelde dat ze geen volwassenen in de gesprekskring wenste, verzuurde de sfeer. De Greenpeace-directeur beloofde haar mond te houden. Maar de minister hield voet bij stuk. 'Ik wilde geen scène maken waar die kinderen bij waren,' zegt Van Tongeren. 'Maar vreemd vond ik het wel. Wij waren uitgenodigd als organisatie. En nu moest ik achter het spandoek gaan staan.'
Knuffelclubje
Wie de afgelopen weken alleen De Telegraaf las, moest welhaast tot de conclusie komen dat Greenpeace een soort groene afdeling van Al-Qaida is. Een greep uit de koppen: 'Vissers verklaren oorlog', 'Pak Greenpeace aan', 'Actie Greenpeace crimineel'. Op het internet was men verrukt over het kordate optreden van Verburg. 'Gerda, you go girl,' reageerde ene Frederick op de website van het Algemeen Dagblad. 'Jahaa, nu is het eens andersom, nu wordt jullie knuffelclubje de les gelezen. Leugenaars.' 'Sode' maakt Greenpeace uit voor 'westerse terroristen'. 'Bah! Ga toch bij Osama op de thee, kutvolk!' En GeenStijl, subtiel als altijd, riep het volk op de open dag van Greenpeace te bezoeken, en raadde Verburg aan 'contact op te nemen met haar Franse collega'. Daarmee verwees de site naar de geruchtmakende bomaanslag die de Franse geheime dienst in 1985 pleegde op een Greenpeace-schip dat werd gebruikt bij protesten tegen atoomproeven bij het atol Mururoa. De Nederlandse fotograaf Fernando Pereira kwam daarbij om het leven.
Minder enthousiast over het optreden van Verburg was advocaat Jaap Hoekstra. Opvallend, want Hoekstra vertegenwoordigt al sinds jaar en dag de belangen van een grote groep (voornamelijk Urker) vissers. In Duitsland heeft hij vanwege Rotsblok-gate een rechtszaak aangespannen namens een Nederlandse garnalenvisser. 'Dat Verburg die mevrouw wegstuurde, was niks meer dan een actie voor de bühne,' zegt Hoekstra. 'Waar was de minister toen Greenpeace bekendmaakte dat het de stenen zou laten afzinken? Verburg en haar Duitse collega hadden vier dagen de tijd om de acties te voorkomen, maar er gebeurde niets.'
Retorisch geweld
Dat haar organisatie niet door iedereen gepruimd wordt, is voor directeur Van Tongeren geen nieuws. Greenpeace is soms in en dan weer uit de mode. 'In de tijd dat Al Gore zijn klimaatfilm uitbracht, waren we ineens salonfähig en werd ik uitgenodigd in kringen waar ik normaal nooit kom,' zegt Van Tongeren. 'Ik werd zelfs gevraagd als spreker op een door SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan georganiseerde conferentie in Zuid-Frankrijk.' De frontale aanval die nu is losgebarsten, is volgens de directeur moeilijk los te zien van de heksenjacht die is ontstaan na de bekentenissen van Wijnand Duyvendak. Daarvóór, zegt Van Tongeren, leek niemand de kwestie bijster interessant te vinden. Toen Greenpeace op 12 augustus begon met het afzinken, deed De Telegraaf die actie nog af met een kort bericht op pagina zeven. De Volkskrant legde er in een begrijpend stuk de nadruk op dat met de rotsblokken de schol werd 'beschermd'. En minister Verburg belde die dag met Van Tongeren om haar ervan te verzekeren dat zij spoedig delen van de Noordzee zou aanwijzen als reservaten. Van algemene verontwaardiging was nog geen sprake. 'Maar toen kreeg Wijnand Duyvendak een taart in zijn gezicht, en een paar dagen later werden we in de kranten weggezet als een criminele organisatie. Het explodeerde volledig, en de berichtgeving werd verweven met het debat over de jaren tachtig.'
Te midden van al het retorische geweld gingen de nuances af en toe verloren. Zo liet de Stichting Noordzee in een persbericht in reactie op het Telegraaf-artikel 'Milieusector boos op Greenpeace' weten: 'Wij zijn niet boos. Het lijkt wel of De Telegraaf op zoek is naar een conflict tussen de milieuorganisaties.' De actiemethoden van Greenpeace zijn volgens de stichting 'niet onze stijl'. Maar: 'Dat neemt niet weg dat wij net als Greenpeace beschermde gebieden op zee willen en vinden dat die er snel moeten komen.' Ook grote milieuorganisaties als Natuurmonumenten en het Wereld Natuurfonds zijn 'dezelfde mening toegedaan', aldus het persbericht.
Niettemin haakte ook het keurige NRC Next in op de hype en vertroebelde de toch al ingewikkelde discussie met een groot stuk onder de kop: 'Niet met mijn belastinggeld'. Daarbij plaatste de krant gemonteerde foto's van Greenpeace-boten in actie met daarbij teksten als: 'Tegen de staat? Dan geen geld.' Nogal een misser, want zoals elders ook in het stuk werd vermeld, heeft Greenpeace nog nooit een cent overheidssubsidie ontvangen. 'Ze hebben wel gerectificeerd,' zucht Van Tongeren. 'Maar ja, dat is dan een piepklein berichtje. Je komt moeilijk op tegen de beeldvorming.'Niet slecht
In diezelfde week kwam een tot dan toe vrijwel onbekende organisatie met een volstrekt nieuw geluid. De grootste zorg van Greenpeace is de zogenaamde boomkorvisserij, waarbij een sleepnet over de bodem wordt getrokken. De aanzienlijke 'bijvangst' van onverkoopbare vis en schaaldieren wordt daarbij halfdood overboord gegooid, en de sleepnetten beschadigen de zeebodem. Maar op 22 augustus kwam de Stichting Wetenschappelijk Natuur en Milieubeleid (SWNM) met een heel andere zienswijze. Boomkorvissen is niet slecht, aldus de stichting, maar juist goed voor de zeebodem. Doordat de bodem wordt omgeploegd, zou er juist 'meer bodemleven' komen. De acties van Greenpeace zijn volgens de stichting dan ook 'zinloos voor de natuur en schadelijk voor de visserij'. Verschillende media namen het bericht over en het verhaal duikt sindsdien op in blogs waar over de acties van Greenpeace wordt gediscussieerd.
Maar wie gaan er schuil achter de SWNM? Volgens de website is de 'onafhankelijke' stichting gevestigd op Urk en opgezet 'door vissers, biologen en andere wetenschappers'. Doorklikken levert niets op. In haar persbericht over de gunstige invloed van de sleepnetten, verwijst de stichting naar het gezaghebbende Institute for Marine Resources and Ecosystem Studies (IMARES), dat is verbonden aan de Universiteit van Wageningen.
'Ik had nog nooit van de SWNM gehoord,' zegt een woordvoerder van het instituut. 'Maar voor zover ik weet, is het geen wetenschappelijke organisatie.' Mariene ecoloog Han Lindeboom, die tien jaar geleden voor IMARES een groot onderzoek coördineerde naar de effecten van boomkorvisserij: 'Er is wel heel selectief geciteerd,' zegt hij. 'Uit ons onderzoek blijkt dat vissen met een sleepnet wel degelijk schadelijk is. Vissoorten verdwijnen, en de bodem wordt ernstig beschadigd. Een bijeffect is dat de schelpdieren verdwijnen en er mogelijk meer wormen komen. Die worden gegeten door schol en tong, wat gunstig is voor die vissoorten en dus voor de vissers. Maar dat wil niet zeggen dat het milieu als geheel bij deze methode van vissen is gebaat. Integendeel, zou ik zeggen.'
Zijden handschoentjes
De verhitte toon van het debat verhult dat het draait om een kwestie waarover alle partijen - politiek, visserij en milieubeweging - zich hevig zorgen maken: een steeds beter uitgeruste vissersvloot vangt al jarenlang steeds minder vis. Maar noch in de Tweede Kamer, noch in de media is er de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor dit probleem. Na ruim dertien jaar overleg over de instelling van zeereservaten waar de visstand zich zou kunnen herstellen, was het geduld van Greenpeace op en achtte ze het tijd voor actie.
Volgens de woedende vissers stoot de milieuorganisatie hen daarmee niet alleen het brood uit de mond, het is ook nog eens gevaarlijk - als een net aan zo'n rots blijft haken, kan de boot kapseizen. Onzin, zegt Greenpeace. De Deense overheid heeft zélf de opdracht gegeven rotsblokken af te laten zinken om beschermde gebieden heen, iets dat met EU-geld gefinancierd wordt. Greenpeace geeft bovendien van tevoren de coördinaten van de stenen door, zodat de vissersboten er omheen kunnen. En, zegt marien ecoloog Lindeboom: 'In dat deel van de zee liggen sowieso al veel stenen.'
Voor visserijadvocaat Jaap Hoekstra maakt dat allemaal geen verschil. 'Greenpeace heeft gewoon de wet overtreden. Er is hier sprake van eigenrichting. Op grond van het Hohe See Einbringungsgesetz mag je geen afval dumpen in zee. Als een visser een vuilniszak overboord gooit, kost hem dat vijfduizend euro. En dus mag ook Greenpeace niks in zee gooien.'
Ondanks aandringen van de advocaat kwamen de Duitse en Nederlandse autoriteiten traag in actie. 'Het gaat in Nederland allemaal zo ontzettend labbekakkerig. Toen we wisten dat ze met die rotsblokken zouden komen, kreeg ik bericht van Buitenlandse Zaken dat een collega op de ambassade in Berlijn op vakantie was. Dat is toch van de zotte? Was er dan niemand anders? In de kranten en op het internet mogen de reacties dan fel zijn, in bestuurlijk Nederland wordt Greenpeace nog steeds met zijden handschoentjes aangepakt. Pas deze week hebben de Duitsers het Greenpeace-schip een vaarverbod opgelegd. De marine patrouilleert in de zone waar eerder de stenen werden afgezonken om het schip te onderscheppen.'
Vissertje pesten
Intussen gaat het overleg tussen milieuorganisaties, visserij en politiek gewoon door - zij het tot op heden zonder Greenpeace. In december wordt in Brussel de jaarlijkse landbouwraad gehouden. Naar verwachting zal daar weer een volgende stap worden gezet in het aanwijzen van zeereservaten in heel Europa. In de Middellandse Zee en voor de Spaanse kust zijn al twee van dit soort reservaten. 'De vissers weten dat die reservaten eraan komen,' zegt Hoekstra. 'Ze zullen zich aan de regels houden. Daarom snap ik echt niet waarom Greenpeace die rotsblokken in zee heeft gegooid.'
Mariene ecoloog Lindeboom heeft daarover zo zijn twijfels. 'De plannen voor de zeereservaten zijn prachtig. Maar het zijn voorlopig vooral papieren plannen. Echte maatregelen kunnen nog lang op zich laten wachten. Wil je er voor zorgen dat de soorten zich in die reservaten ook echt kunnen herstellen, dan zullen beheersmaatregelen genomen moeten worden. Het grote misverstand in deze discussie is overigens de suggestie van Greenpeace dat de reservaten worden opgezet om vissoorten als tong en schol te beschermen, maar daar zijn andere maatregelen voor nodig. Het gaat bij deze reservaten vooral om de bodemdieren die daar leven.' Lindeboom hoopt dat de rotsblokaffaire ertoe zal leiden dat het behoud van het onzichtbare zeemilieu hoger op de agenda komt. 'Misschien dat politici wakker worden geschud als ze zien hoe het mariene systeem steeds verder achteruitgaat.' Wat overigens niet wil zeggen dat hij enthousiast is over de actie van Greenpeace. 'Het is vissertje pesten, en dat moet je niet doen.'
Terugkijkend geeft Liesbeth van Tongeren toe dat ze niet gerekend had op zúlke heftige reacties. 'Ik denk dat de Nederlandse identiteit nog steeds sterk verweven is met het beeld van trotse vissers, havenplaatsjes en handelsgeest. Als wij zeggen dat de Braziliaanse overheid niet goed voor het tropisch bos zorgt, als we de Indonesiërs verwijten dat ze te weinig doen aan de bosbranden, is daar in Nederland brede steun voor. Maar als het ons eigen land raakt, vindt er een scheiding der geesten plaats. Ik begrijp dat we met onze acties raken aan grote economische belangen. Maar het is niet anders: we kunnen niet langer een trotse vissersnatie zijn, omdat we op dit moment de Noordzee leegroven en vernietigen.'
In elk geval gaat het, na alle ophef, sinds een paar dagen weer over de inhoud. Afgelopen woensdag zat Van Tongeren samen met minister Verburg bij NOVA. Even leek het gesprek onder leiding van presentator Joost Karhof uit te draaien op een doorbraak, die volgens de Greenpeace-directeur dan meteen maar het 'Karhof-convenant' gedoopt zou moeten worden. Maar al snel kreeg irritatie weer de overhand. 'Waarom komt u nooit aan tafel zitten als het over de Noordzee gaat?' bitste Verburg. 'Waarom bent u niet veel sneller met het aanwijzen van de reservaten?' antwoordde Van Tongeren. De CDA-minister wil dat de vissers in de toekomstige reservaten op een 'duurzame manier' kunnen blijven vissen. Een schijnoplossing, vindt Van Tongeren, want de visstand kan zich alleen herstellen met een totaal vangstverbod in de reservaten. En zo eindigde het gesprek in een patstelling.
Onberoerd
Ten burele van Greenpeace is een maand na het begin van de acties weinig te merken van de volkswoede. Aan de oproep van GeenStijl om de open dag op Greenpeace-schip Sirius te verstoren, heeft niemand gehoor gegeven. Opzeggingen van donateurs zijn er niet of nauwelijks. Greenpeace - dat zoals gezegd geen overheidssubsidie ontvangt - kan eigenlijk maar op één manier geraakt worden: de organisatie is voor circa tien procent van haar inkomsten afhankelijk van de Postcodeloterij - het gaat daarbij om miljoenen euro's. In De Telegraaf riep de visserslobby de lezers dan ook al verscheidene malen op om geen loten te meer kopen. Maar de strobrand in de media lijkt het publiek vooralsnog onberoerd te laten. 'We hebben nauwelijks opzeggers,' zegt een woordvoerder van de Postcodeloterij. 'We hebben al jarenlang een goede relatie met Greenpeace en we blijven ze gewoon steunen.'
En zelfs als er donateurs zouden weglopen, dan nog maakt Greenpeace-directeur Van Tongeren zich niet al te druk. 'We hebben nu de steun van één op de negen gezinnen in Nederland,' zegt ze. 'Dat is voor een actiegroep eigenlijk niet te bevatten. Jaren geleden waren we een stuk kleiner en toen deden we ook heel effectieve campagnes met spectaculaire acties.'
