VN MediagidsTerug naar Oude Pekela
Samenleving 11.11.2011
Destijds geloofde niemand dat het kon: het misbruik van vele kinderen op klaarlichte dag
Toen Robert M. bekende dat hij in kinderdagcentrum ‘t Hofnarrretje meer dan tachtig kinderen had misbruikt, was heel Nederland in shock. Hoe anders was dat vijfentwintig jaar geleden. Toen het NOS Journaal, meldde dat in Oude Pekela tientallen kinderen door kinderlokkers zouden zijn meegenomen, werden de betrokkenen al snel voor gek versleten. Zoiets kon gewoon niet waar zijn. In haar deze week verschenen boek gaat Margalith Kleijwegt terug naar Oude Pekela. Wat is de nasleep van de affaire geweest? En hoe kijken zij naar Robert M.?
Hieronder een fragment uit het boek, waarvan het eerste exemplaar overhandigd werd aan burgemeester Eberhard van der Laan. Deze week verschijnt in Vrij Nederland een uitgebreide voorpublicatie en een mediagidsfilter over Aernout Mik, de kunstenaar voor wie de affaire een inspiratiebron is geweest. En hier verloten wij 25 exemplaren van het boek.
De Oude Pekela affaire: was er toch een clown?
Door Margalith Kleijwegt
In december 2010 keek ik naar de persconferentie over de aanhouding van Robert M., de man uit Riga die zich als oppas en crèchemedewerker zou hebben vergrepen aan meer dan tachtig kinderen. Ik moest denken aan de ouders die vijfentwintig jaar geleden bij de zaak in Oude Pekela betrokken waren. Hoe zouden zij tegen dit dramatische nieuws in Amsterdam aankijken? Gaf het ze behalve de pijnlijke herkenning ook een triomfantelijk gevoel? Toen werden ze niet geloofd en nu, zoveel jaar later, was overtuigend bewezen dat seksueel misbruik van tientallen kinderen op klaarlichte dag wel degelijk kon gebeuren.
In het voorjaar van 1987 werd Oude Pekela wereldnieuws nadat de politie naar buiten had gebracht dat in het kleine dorp tientallen jonge tot zeer jonge kinderen waren gehoord in verband met een zedenzaak.
Steeds meer kinderen beweerden in de daaropvolgende dagen dat hen iets was overkomen. Ze waren meegenomen naar verschillende panden in en rond Oude Pekela. Sommigen hadden aan onschuldige verkleedspelletjes meegedaan, anderen moesten piemels wassen of eraan likken. De kinderen spraken ook over sadistische spelletjes die op foto en film waren vastgelegd. Het schokkende nieuws ging als een lopend vuurtje rond. De zaak werd niet ingedamd zoals nu waarschijnlijk zou gebeuren, het was een olievlek die zich in hoog tempo verspreidde. Binnen een week liep het aantal aangiften van ontucht op tot tweeënvijftig, en daar bleef het niet bij.
De waarheid over wat er in die maanden precies gebeurde was al snel niet meer te achterhalen. En de zaak is ook nooit opgelost.
Had er een clown door het dorp gelopen? Nee, zei de een. Ja, zei de ander. Weer iemand anders had hem hoogstpersoonlijk bij de visboer zien staan. Vanwege dat beeld van een clown die onschuldige kindertjes meelokt, werd de affaire in Oude Pekela de 'clownsaffaire' genoemd. Bij de Nederlandse bevolking heerste ongeloof en verbijstering over wat er in Oude Pekela gebeurd zou zijn. Het ontbreken van daders leidde in de weken die volgden tot de hypothese van massahysterie. Het getouwtrek begon. De politie kon niets zonder bewijsbare feiten. Professor Mik, een psychiater die na vijf weken werd ingeschakeld, wist als enige deskundige zeker dat wat een deel van de kinderen vertelden waar was.
Een langer fragment verschijnt deze week in Vrij Nederland.
