Mevrouw Koot wil dood

10 februari 2011
Leestijd:

Euthanasie door de dokter, pillen slikken, versterven of toch heliumgas? Deskundigen strijden over de beste weg naar de dood.

Mevrouw A. Koot (92) uit Franeker heeft haar dementerende man jarenlang verzorgd. Uiteindelijk werd hij opgenomen in een verpleeghuis. Daar bezocht zij hem dagelijks, totdat hij twee jaar geleden stierf. Mevrouw Koot - ze bestaat niet echt, dus ook haar lijden is gelukkig denkbeeldig - heeft een slechte gezondheid: ze is nagenoeg blind, heeft veel pijn in haar rug en kan nauwelijks meer lopen. Ze vindt haar leven voltooid en vraagt haar arts om euthanasie. Als hij toestemt, kan de hoogbejaarde vrouw rustig sterven.

Zo zou het kunnen gaan. Maar in de praktijk weten de meeste ouderen én hulpverleners veel te weinig over de (on)mogelijkheden van de zelfgekozen dood. De organisaties en deskundigen die deze mensen willen helpen, bestrijden de juistheid van elkaars informatie en maken elkaar verwijten. Mensen als mevrouw Koot raken hierdoor de draad kwijt.

In de media en vakbladen wemelt het de laatste tijd van de 'voltooid-leven-voorbeelden'. Sommige van deze ouderen overlijden rustig en pijnloos. Anderen moeten langdurig shoppen tot er iemand helpt, of sterven eenzaam na het eten van honderdveertig tabletten in een bakje vla. Deze voorbeelden zijn weer onderwerp van debatten waarin de emoties hoog oplopen. Vaak gaat het daarbij niet meer over de vraag óf deze ouderen geholpen moeten worden, maar hoe. Wat is de beste route naar de dood?

Ondraaglijk
De bekendste weg is die van mevrouw Koot, die euthanasie vraagt aan haar arts. Als die haar de finale injectie geeft, zullen de zogeheten toetsingscommissies euthanasie dit waarschijnlijk goedkeuren. Opvallend genoeg is dit ook de mening van de artsenorganisatie KNMG, die stelt dat de wet veel meer ruimte biedt dan de meeste dokters denken. Vorig jaar nog reageerde deze artsenorganisatie zeer terughoudend als het ging om stervenshulp aan oude mensen die 'het leven moe zijn'. Veel dokters vinden het moeilijk te beoordelen of deze ouderen echt ondraaglijk lijden, een belangrijk criterium van de wet. Bovendien lijden niet alle ouderen aan een ziekte waarvoor de dokter een medische diagnose heeft gesteld. Inmiddels denken de artsen daar anders over. Na bestudering van uitspraken van euthanasiecommissies, rechters en raadpleging van deskundigen, concludeerde de organisatie dat in veel van deze gevallen van 'een medische grondslag' sprake is. 'Het verlies van bijvoorbeeld gezichtsvermogen, gehoor en mobiliteit behoort wel degelijk tot het domein van de arts,' licht Eric van Wijlick van de KNMG toe. 'Dit lijden kan ondraaglijk zijn. Diverse toetsingscommissies hebben zulke euthanasiegevallen al goedgekeurd. Maar als er níét van een medische grondslag sprake is, moeten artsen hier volgens de euthanasiewet buiten blijven.'

Deze weg is onomstreden: euthanasie is pijnloos, betrouwbaar en effectief. Een nadeel is dat mevrouw Koot afhankelijk is van haar arts. Veel dokters zijn huiverig om deze weg in te slaan en sommige ouderen willen hun dokter niet met deze moeilijke hulpvraag belasten.

Pijnloze dood
Een andere mogelijkheid is dat mevrouw Koot stopt met eten en drinken. Dit 'bewust versterven' is een oude methode, die in Nederland vooral weer aandacht heeft gekregen door ouderenpsychiater Boudewijn Chabot. In zijn proefschrift (2007) schrijft hij dat op deze manier jaarlijks 2500 ernstig zieke of oudere mensen sterven. Volgens de nabestaanden was dit meestal een waardige en pijnloze dood. Maar de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) vindt dat Chabot dit langdurende stervensproces te rooskleurig voorstelt. Alleen voor echt oude en zwakke mensen is dit een optie, anders is het 'gruwelijk' en 'barbaars'. In het ledenblad Relevant staat een voorbeeld van een vrouw die op deze manier kwellende laatste weken had. NVVE-directeur Petra de Jong wijst er herhaaldelijk op dat dit versterven alleen onder strikte medische begeleiding kan.

- Over de plastic zak en de morfinepleisters zijn de meningen verdeeld

Zelf heeft Chabot ook van het begin af aan op de noodzaak van deze medische begeleiding gewezen. Bij de gevallen die misgaan, heeft het daar juist aan ontbroken. In zijn boek Uitweg beschrijft de onderzoeker stap voor stap welke verzorging de oudere moet krijgen en adviseert hij dat een (huis)arts dagelijks langskomt. Sinds kort zegt ook de artsenorganisatie KNMG dat dokters medische en palliatieve hulp horen te bieden aan patiënten die met eten en drinken stoppen, zelfs als zij de beslissing van deze patiënt afkeuren. Opvallend is de toevoeging dat een arts op dit bewuste versterven mag wijzen, óók als de patiënt 'dit niet zelf ter sprake brengt'.

Medicijnroute
Een derde optie voor mevrouw Koot is het innemen van dodelijke medicijnen. Maar welke, in welke dosis? Hierover geven zowel Chabot, de NVVE als de humanistische Stichting de Einder - die hulp biedt aan mensen die zelfdoding overwegen - informatie. Bij de NVVE krijgt mevrouw Koot deze gegevens alleen op een besloten deel van de site. Ook krijgt ze dan het advies om een afspraak te maken met een van de vrijwilligers.

Chabot licht alle medicijnen toe in zijn boek, dat mevrouw Koot in elke boekhandel kan kopen. Mensen die meer willen weten, kunnen via de bijbehorende site contact opnemen.

Soms verwijst Chabot naar counselors van de Einder, die mevrouw Koot persoonlijk kunnen begeleiden. Ook over deze 'medicijnroute' lopen de meningen uiteen. Eigenlijk wijst de NVVE hem af, omdat mevrouw Koot list en bedrog moet gebruiken: ze moet de pillen onder valse voorwendselen aftroggelen van haar arts, haar kinderen op pad sturen naar apotheken in het buitenland of betrouwbare internetapotheken zien te vinden. Het verzamelen en innemen van al die medicijnen is voor veel mensen te moeilijk. Waarom de NVVE deze medicijnen dan toch op de website zet? 'Helaas is dat nodig omdat er nog geen andere mogelijkheden zijn,' zegt NVVE-directeur De Jong. 'We noemen het een leugentje om bestwil.'

Chabot en Vink erkennen dat de medicijnroute tijd en inspanning vergt. Ze dringen er daarom op aan dat mevrouw Koot goede medische, ethische en juridische adviezen krijgt. Ook adviseren zij om niet alleen te zijn als de middelen worden ingenomen.

Volgens Chabot worden de risico's op mislukking vaak overdreven. In zijn onderzoek vond hij ruim duizend mensen per jaar die op deze manier hun leven zelf beëindigen. Volgens hem gaat het in 95 procent van de gevallen goed. In zijn boek en op zijn website roept hij op om alle nieuwe gevallen van zelfdoding te melden. Vervolgens beschrijft hij per persoon welke middelen er gebruikt zijn en hoe dat heeft gewerkt - of niet heeft gewerkt. Van de dertien meldingen van levensbeëindiging met medicijnen in de afgelopen negen maanden zijn drie mensen nog in leven. Voor mevrouw Koot zijn dit indringende verhalen. Zo werd een vrouw een dag na het innemen van alle medicijnen toch weer wakker, waarschijnlijk omdat de dodelijke middelen onvoldoende werkten omdat ze gebraakt had. Ze lag daar alleen en belde zelf haar familie, die niets wist van haar plan tot levensbeëindiging. 'Bij deze zelfeuthanasie staan we nog maar aan het begin, elke casus is leerzaam,' licht Chabot toe. 'Mislukkingen zijn bijna altijd het gevolg van omstandigheden. Als iemand bijvoorbeeld onvoldoende antibraakmiddelen heeft ingenomen, kan dit het effect van het dodelijke middel verminderen.'

Klittenband
Over de keuze en dosering van de meeste medicijnen zijn de partijen het eens. Voor twee medicijnmethoden geldt dit niet. De eerste staat bekend als de plastic-zakmethode, waarbij mevrouw Koot een flinke dosis slaapmiddelen zou moeten nemen en vervolgens vóór het inslapen een ruime plastic zak over haar hoofd moet bevestigen met elastiek of klittenband. Door de middelen valt mevrouw Koot in slaap, waarna de zuurstof in de zak opraakt en mevrouw Koot door zuurstofgebrek stikt.

Ton Vink van de Einder en Chabot noemen deze methode gevaarlijk en onzeker. Zij beroepen zich op internationaal onderzoek en casuïstiek die in Uitweg en op de bijbehorende website beschreven staan. De NVVE vindt deze methode wel verantwoord en baseert zich op het advies van haar expertraad, bestaande uit drie artsen, twee verpleegkundigen en een apotheker. En ook zij beroept zich op 'praktijkervaringen', opgedaan door de vijftig vrijwilligers die leden met een doodsverlangen adviseerden.

De onderlinge discussie is nu zo verhard, dat mevrouw Koot maar niet meer op overeenstemming moet rekenen. Volgens Chabot gaat de NVVE niet op zijn herhaalde uitnodiging in om hier met deskundigen uit te komen. De vereniging zegt uitgebreid en zonder resultaat met Chabot te hebben gesproken en wil er niet 'via de media' over praten, sinds Chabot op 4 januari publiekelijk zijn lidmaatschap heeft opgezegd in een kritisch stuk in de NRC.

En dus zal mevrouw Koot ook geen uitsluitsel krijgen over het tweede controversiële middel: morfinepleisters. Over deze pleisters als middel tot levensbeëindiging wordt door dezelfde partijen publiekelijk gediscussieerd.

NVVE-directeur De Jong heeft zich erbij neergelegd dat mevrouw Koot over zulke belangrijke onderwerpen geen eenduidige informatie vindt. 'Als je naar verschillende bakkers gaat, krijg je ook niet overal hetzelfde brood. Mensen gaan shoppen en vergelijken als ze iets willen hebben.'

Hoofdrol
Intussen werken alle partijen hard door. De NVVE lanceerde twee weken geleden haar plannen een levenseindekliniek op te richten en onderzoekt de mogelijkheid om een zogeheten laatstewilpil te ontwikkelen. Dit moet een pil worden die recht doet aan het gedachtegoed van Huib Drion, de rechter die twintig jaar geleden aandrong op een stervenspil die ouderen zonder tussenkomst van een hulpverlener kunnen innemen. Chabot plaatst deze week informatie op zijn site over een nieuwe manier om het leven zelf te beëindigen met gebruik van helium, het gas waarmee onder andere ballonnen worden opgeblazen. Hij baseert zijn informatie, inclusief tekeningen, onder andere op het werk van een Canadese criminoloog die hier binnenkort op promoveert. Deze methode is 'snel, pijnloos en effectief', maar zonder hulp niet geschikt voor mensen die erg verzwakt zijn, schrijft Chabot. Volgens de psychiater hebben Amerikaanse, Canadese en Duitse hulpverleners al meer dan honderd mensen begeleid om met dit gas hun leven te beëindigen. Mensen die hierbij aanwezig zijn, lopen geen risico.

Rest het burgerinitiatief Uit Vrije Wil, dat volgende week haar wetsvoorstel aan de vaste Kamercommissie van veiligheid en justitie presenteert. Deze actiegroep, bestaande uit prominente Nederlanders als Hedy d'Ancona, Paul van Vliet en Jan Terlouw, wist vorig jaar 117.000 handtekeningen te verzamelen.

De prominenten willen er nu nog niets over zeggen, maar ingewijden weten de kern: de nieuwe wet moet uitkomst bieden aan zeventigplussers die niet langer willen leven. Twee speciaal opgeleide hulpverleners zullen dit verzoek van de oudere beoordelen. Indien ze besluiten de middelen aan de zeventigplusser te geven, moeten zij verslag doen en wordt hun handelen getoetst.

Op deze ideeën kwam al veel kritiek. De nieuwe wet zou overbodig zijn: er is al een euthanasiewet. Ouderen zouden gepusht kunnen worden om 'eruit te stappen'. En de leeftijdsgrens van zeventig jaar is discriminerend. Bovendien moet Nederland eerst eens investeren in een betere ouderen- en welzijnszorg. Hierdoor zou de groep mensen met een doodsverlangen vanzelf kleiner worden.

Ton Vink van de Einder noemt nog een ander, meer principieel bezwaar. 'Uit Vrije Wil heeft het over zelfbeschikking, maar in dit voorstel moeten die zeventigplussers nog steeds langs twee hulpverleners die hun vraag om te sterven toetsen. Bovendien moet zo'n hulpverlener erbij zijn als je de dodelijke middelen krijgt en inneemt. Ik noem dat geen zelfbeschikking. Als deze wet er komt, ligt de pil van Drion dus nog steeds niet op het nachtkastje.'

Chabot is dit met hem eens. 'Het zou goed zijn als mensen zelf de verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen dood.' 'De hoofdfiguur moet de hoofdrol hebben, ook in de uitvoering,' vult Vink aan.

De NVVE en Uit Vrije Wil vinden op hun beurt dat de Einder en Chabot er te gemakkelijk van uitgaan dat ouderen dit zelf wel kunnen doen. Volgens de NVVE krijgt zij veel vragen van mensen die door Vink of Chabot onvoldoende geholpen zijn. Vink en Chabot zeggen omgekeerd hetzelfde.

En zo blijft het voor ouderen als mevrouw Koot moeizaam zoeken. Er komen steeds meer mogelijkheden voor wat een humane zelfdoding wordt genoemd, maar de meningsverschillen maken de keuze niet eenvoudig. Ouderen die niet door hun arts geholpen kunnen of willen worden, moeten gaan shoppen, maar krijgen geen zekerheid over hun laatste 'aankoop'.

Op leven en dood

De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde NVVE (www.nvve.nl) ijvert voor meer wettelijke mogelijkheden voor mensen die hun leven willen beëindigen. Een belangrijke groep daarvan vormen ouderen met een chronisch doodsverlangen. Ook zoekt zij naar nieuwe mogelijkheden buiten de wet. Vijftig vrijwilligers geven persoonlijk advies aan leden die willen sterven. De NVVE telde op 31 december 2010 116.558 leden. Vorig jaar verloor de organisatie zo'n 8.500 leden, van wie de meeste door overlijden. Netto komen er de laatste jaren meer leden bij dan er af gaan. De NVVE steunt het burgerinitiatief Uit Vrije Wil.

Oud-NVVE-bestuursleden als Eugène Sutorius en Wouter Beekman spelen een belangrijke rol in Uit Vrije Wil. Volgens critici zou Uit Vrije Wil (www.uitvrijewil.nu) onderdeel vormen van de lobby van de NVVE, maar beide organisaties ontkennen dit. Wel erkent de NVVE dat zij Uit Vrije Wil met haar kantoor en kanalen steunt. Zo haalde Uit Vrije Wil gemakkelijk de wettelijk verplichte veertigduizend handtekeningen voor haar burgerinitiatief. Op 1 maart verschijnt het boek Uit Vrije Wil van Eugène Sutorius en Jit Peters, respectievelijk hoogleraar strafrecht en staatsrecht aan de Universiteit van Amsterdam.

De humanistische Stichting de Einder (www.deeinder.nl) wil iedereen helpen die serieus overweegt zijn of haar leven te beëindigen. Van de circa driehonderd mensen die per jaar een van de tien counselors raadplegen, zijn er uiteindelijk ongeveer dertig die dit daadwerkelijk doen. De counselors van de Einder verwijzen onder andere naar het boek Uitweg, geschreven door ouderenpsychiater Boudewijn Chabot en journaliste Stella Braam.

In 1991 verleende Boudewijn Chabot hulp bij zelfdoding aan een fysiek gezonde vrouw die alles had verloren wat haar leven zin gaf. Hij werd veroordeeld, zonder strafoplegging. In 2007 promoveerde hij op het onderwerp 'zelfeuthanasie'. In aanvulling daarop schreef hij Uitweg, waarvan in maart 2010 een eerste druk verscheen. Inmiddels is er een vierde druk en zijn er 8500 exemplaren verkocht. Bij dit boek hoort een website, www.eenwaardiglevenseinde.nl, waarop de auteur aanvullingen en verbeteringen bijhoudt en toelicht.

Het standpunt van de artsenorganisatie KNMG is te vinden op www.knmg.nl/levenseinde

auteur

Geplaatst door: Maria reacties

Kan iemand mij vertellen wie de auteur is van dit artikel? alvast bedankt.

[reageren]

 

Bas den Hond

Phil Zimmermann: ‘Het is vooral erg als je eigen regering je bespioneert’

Crypto-deskundige Phil Zimmermann over de snuffelstaat. ‘We hadden het nooit goed mogen vinden’

 

Tim de Gier / Anne Janssens

Stagiair gezocht

Houd je van schrijven en internet? Kom dan stage lopen op de webredactie van Vrij Nederland.

Reportage

Sander Donkers

Alle wegen leiden naar de fiets

Middelbare mannen, vrouwen, meisjes, hipsters met baarden en tattoos – iedereen zit tegenwoordig op een racefiets.

Interview

Harm Botje

Een oplossing voor de plastic soup

De 19-jarige Boyan Slat wil het plastic uit de oceaan opruimen en het lijkt nog te gaan lukken ook

Essay

Henk van Renssen

Hipsters, engageer je!

Waarom zijn de laatste jaren zoveel ‘revoluties’ van liberale burgers mislukt? Enkele lessen voor autocraat en oppositie

Reportage

Christine Otten

Drie generaties Turken in Nederland

Drie generaties Turken in Nederland: 'In mijn gevoel ben ik Turks en moslim'

Dit is goed! Ik ontvang graag wekelijks verhalen in mijn inbox

E-mailadres *
Ja, ik wil graag de VN Nieuwsbrief ontvangen

Neem nu een
abonnement
Jaar
Half jaar
Kwartaal
Proef
Papier en digitaal
Alleen digitaal