VN MediagidsAlles voor zetel 38
Politiek / verkiezingen 12.03.2011
Of de coalitie een meerderheid haalt in de Eerste Kamer, hangt nu af van gesjacher tussen partijen op links en rechts.
'Regenteske rekenarij,' zo noemde Uri Rosenthal in 2007 de trucs die partijen uithaalden om een restzetel te bemachtigen in de Eerste Kamer. Inmiddels liggen de zaken ietsje anders. Rosenthal, destijds VVD-fractievoorzitter in de Eerste Kamer, is nu minister in een rechts kabinet dat hoopt op een meerderheid in diezelfde Senaat. En dus slaat hij anno 2011 een heel andere toon aan: 'De politieke realiteit dwingt ons onze knopen te tellen,' zegt hij. En: 'We hoeven ons lot niet in handen te leggen van anderen.'
Na de Statenverkiezingen van 2 maart zou alles duidelijk zijn, hielden coalitie en oppositie ons de afgelopen maanden voor. Dan zouden we eindelijk weten of het kabinet-Rutte een meerderheid krijgt in de Eerste Kamer. Er werden zwarte scenario's geschetst - al naar gelang de politieke kleur. 'Belgische toestanden,' waarschuwde premier Rutte. 'Met rechts betaalt u de rekening,' zei PvdA-leider Job Cohen keer op keer.
Maar toen alle stemmen geteld waren, luidde de conclusie: too close to call. De coalitie bleef steken op zevenendertig zetels - eentje te weinig voor een meerderheid. Maar in feite zegt dat niets. Zes van de vijfenzeventig Eerste Kamerzetels zijn nog niet definitief toegekend, en dus is het spel om de restzetels begonnen. Op 23 mei, wanneer de 566 Statenleden de nieuwe Eerste Kamer kiezen, kunnen die zevenendertig zetels er achtendertig worden. Of zesendertig. Of het blijft gelijk. De meerderheid van het kabinet zal de komende tweeënhalve maand bepaald worden door behendig calculeren en een stevig potje wheeling and dealing.
Wat kan er allemaal gebeuren? Om te beginnen de factoren die niet te beïnvloeden zijn. Er kunnen Statenleden ziek zijn op 23 mei. Provinciale vertegenwoordigers kunnen rare strapatsen uithalen, zoals het GroenLinks-Statenlid uit Noord-Holland dat in 2007 in blinde paniek alle hokjes op haar stembiljet rood kleurde en daarmee een extra Senaatszetel aan de SP schonk.
- De meerderheid zal bepaald worden door een stevig potje wheeling and dealing
Dit jaar zit de onzekerheid met name bij het CDA. De halvering op 2 maart heeft bij de christen-democraten voor veel onrust gezorgd: tientallen Statenleden zijn hun zetel kwijt, er gaat zeker een dozijn gedeputeerden sneuvelen. De strijd over de koers van de partij is weer opgelaaid, en de verkiezing van een nieuwe partijvoorzitter kan ook tot tweespalt leiden. Het is goed mogelijk dat een aantal CDA-Statenleden besluiten om uit ongenoegen niet op een christen-democraat te stemmen. Eenderde van de CDA'ers keerde zich op het partijcongres in oktober tegen samenwerking met de PVV. Zo'n vaart zal het deze keer niet lopen. Maar als tien procent op een of andere manier protesteert, zou dat al vervelende consequenties kunnen hebben voor de regeringscoalitie.
Tot zover de onzekerheden. Wat ligt er wél binnen bereik van VVD, PVV en CDA om aan de achtendertigste zetel te komen? Sinds de Eerste Kamer afgelopen november de Kieswet heeft aangepast, behoort een lijstverbinding niet meer tot de mogelijkheden. Maar de coalitiepartijen kunnen wel afspraken maken over het stemgedrag van hun Statenleden. Als sommige VVD'ers op een CDA-senator stemmen, levert dat de christen-democraten - en dus de coalitie - een extra zetel op. Dus zullen de regeringspartijen vanuit Den Haag gedetailleerde instructies meegeven aan hun provinciale vertegenwoordigers. 'In feite wordt de Eerste Kamer niet gekozen door de Statenleden, maar benoemd door de partijbureaus,' zegt de Leidse politicoloog Rudy Andeweg. 'Bij de Tweede Kamer kan de kiezer nog voorkeurstemmen geven, maar in de Eerste Kamer zitten allemaal apparatsjiks die door de partijtop naar voren zijn geschoven.'
Een andere mogelijkheid voor de regering: zich verzekeren van de steun van de SGP. Premier Rutte nam hier daags na de verkiezingen al een voorschot op door de staatkundig gereformeerden - die in de Tweede Kamer vaak met de coalitie meestemmen - te betitelen als 'een leuke partij met leuke mensen'. Deze variant is alleen buitengewoon fragiel: de SGP beschikt vooralsnog maar over één zetel in de Senaat. Dat zouden er twee kunnen worden, maar dat hangt weer af van de ChristenUnie, met wie de partij in enkele provincies samen optrok. Maar of de partij van Rouvoet de SGP, en daarmee de coalitie, in de Eerste Kamer aan een extra zetel zal helpen, is maar zeer de vraag: de ChristenUnie is op een aantal terreinen aanmerkelijk linkser dan hun orthodoxe vrienden.
Ook de oppositie is flink aan het rekenen geslagen. Zo is er een deal in de maak tussen 50Plus en de Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF), een samenwerkingsverband van regionale partijen. De seniorenpartij van Jan Nagel haalde op eigen kracht een Senaatszetel, de regionalen net niet. Maar als beide partijen hun reststemmen bundelen, zit er voor de OSF wél een zetel in. Dit dwergenverbond zou wel eens akelige gevolgen kunnen hebben voor de meerderheid van de coalitie.
Voor andere oppositiepartijen valt ook iets te ritselen. Als GroenLinks, D66 en de Partij voor de Dieren zo grootmoedig zijn om al hun reststemmen aan de PvdA te schenken, zouden de sociaal-democraten er een extra zetel bij krijgen. Maar of dat gebeurt, is nog maar zeer de vraag. Neem de PvdD. De partij haalde op 2 maart geen tweede zetel, en heeft een leuk aantal overtollige stemmen te verdelen. Toch kiest PvdD-senator Niko Koffeman niet vanzelfsprekend voor de PvdA. 'Wij kijken hoe we zo veel mogelijk diervriendelijkheid voor elkaar kunnen krijgen. De PvdA wil ons voorstel voor een verbod op onverdoofd ritueel slachten niet steunen. Als die partij het belang van de eigen moslimachterban zwaarder laat wegen dan het welzijn van dieren, dan ligt het niet voor de hand dat we ze aan een extra Eerste Kamerzetel helpen.'
GroenLinks dan, een club die qua natuurstandpunten toch het dichtst bij de Partij voor de Dieren staat? 'Die hebben vanaf het begin buitengewoon narrig gedaan over onze partij. Voordat we GroenLinks zouden steunen, moeten ze eerst ophouden met ons te bashen.' De beste papieren voor de dierenstem, zegt Koffeman, heeft vooralsnog D66. Bij het slotdebat van de campagne was D66-leider Pechtold zo slim om een pluim uit te delen aan de PvdD, omdat ze de Brabantse megastallen tot verkiezingsthema hadden weten te maken. 'Dat waarderen we zeer,' zegt Koffeman. 'Al kan dat ook strategie zijn. We zijn met D66 in gesprek.'
- Statenleden mogen op een andere partij stemmen. Maar het is wel kiezersbedrog
Koffeman noemt ook nog een ander scenario dat in de wandelgangen besproken wordt: de 'reservoir-variant'. Tot 19 april hebben de partijen de tijd om hun lijst voor de Eerste Kamer in te dienen. (Van de PVV is bijvoorbeeld alleen nog maar de lijsttrekker, Machiel de Graaf, bekend.) Voor die tijd zou de oppositie kunnen besluiten om gezamenlijk een extra lijst in te dienen. Aan die nieuwe 'partij' zouden alle gemeenschappelijke reststemmen gegeven kunnen worden. Na 23 mei wordt de lijst weer ontbonden en de zetels over de partijen verdeeld. Toegegeven, het klinkt allemaal nogal omslachtig, en voorlopig is de reservoir-variant alleen nog maar onderwerp van gesprek onder de rekenmeesters van de partijen. Maar hij heeft één groot voordeel: op deze manier zou er geen enkele stem van de oppositie verloren gaan.
Hoeveel er ook gerekend wordt: ook afspraken vooraf zijn nog geen garantie voor succes. Uiteindelijk beslissen de Statenleden zelf - partij-oekazes of niet. Zullen de regionale partijen achter de OSF zich bijvoorbeeld aan een mogelijke deal met 50Plus houden? Een dag na de verkiezingen liet de voorman van de Partij voor Zeeland al weten dat zijn sympathie ook bij de VVD ligt. En er wordt gespeculeerd dat de Fryske Nasjonale Partij wel eens zou kunnen kiezen voor het CDA, dat een Friese dierenarts op de cruciale twaalfde plek van de Eerste Kamerlijst heeft staan.
Bovendien stemmen alle Statenleden dit jaar voor het eerst op hetzelfde tijdstip, waardoor de strategie niet meer tussentijds kan worden aangepast. 'Elke partij anticipeert op de strategie van de ander,' zegt Kees Aarts, politicoloog aan de Universiteit Twente. 'Maar als die inschatting niet blijkt te kloppen, zakt de hele opzet alsnog in elkaar.'
Een merkwaardige situatie? Absoluut. Ondoorzichtig? Totaal. Maar alle gekonkel is niet per definitie ondemocratisch, meent politicoloog Andeweg. 'Het is niet in strijd met de grondwet als Statenleden op een andere dan hun eigen partij stemmen. Maar het is wel een vorm van kiezersbedrog. Als partijen elkaar willen helpen met restzetels, gaan ze normaal gesproken een lijstverbinding aan. Dat staat dan op ieder stembiljet, zodat de kiezer weet waar hij aan toe is.' In de Eerste Kamer bestaat die mogelijkheid nu niet meer. 'Maar de partijen maken alsnog onderlinge afspraken: ze doen dus net alsof er wél een lijstverbinding is!'
Het liefst zou Andeweg de Eerste Kamer gewoon afschaffen. 'Het is niet te verkopen dat een orgaan dat niet door kiezers is samengesteld, een absoluut veto heeft over wetgeving.' Maar zolang de Senaat nog bestaat - en dat zal nog wel even zo blijven - zullen we het moeten doen met regenteske rekenarij.
