VN MediagidsSami Ben Gharbia
Vanuit Nederland wakkerde Sami Ben Gharbia de protesten in Tunesië aan. Nu is hij terug in zijn land.
Kent u die van die oud-zeilschoolinstructeur uit het Friese Grou die de inwoners van zijn Noord-Afrikaanse geboorteland net dat laatste zetje gaf om massaal de straat op te gaan?
Sami Ben Gharbia (1967) is zelf bescheiden over zijn bijdrage aan de Tunesische Jasmijnrevolutie. De digitale activist meent dat het boven alles de vastberadenheid van de bevolking was die president Zine El Abidine Ben Ali precies een jaar geleden het land uit dreef. Ja, hij deed wat hij kon vanuit Nederland, waar hij eind jaren negentig als politiek vluchteling belandde. Internet is zijn wapen en omdat hij er in december 2010 niet bij kon zijn, zette hij vanuit hier, met behulp van Julian Assange, zijn digitale arsenaal in om zijn landgenoten bij te staan.
Toen WikiLeaks eind november 2010 begon met het lekken van de ambtsberichten van Amerikaanse ambassades van over de hele wereld, vroeg Ben Gharbia Assange om de cables uit Tunis. De twee informatieactivisten kenden elkaar uit de internationale hackersgemeenschap, Ben Gharbia ontving de cables en via het door hem mede opgerichte weblog Nawaat.org werden de in het Frans en Arabisch vertaalde 'TuniLeaks' verspreid. Het beeld dat de Amerikaanse ambassadeur daarin schetste liet weinig aan de verbeelding over: het land werd bestierd door een corrupte familieclan, die met repressie het volk onder de duim hield en zelf in absurde weelde leefde. De TuniLeaks vonden online en via Al Jazeera hun weg naar de bevolking. Volgens velen was dat het laatste wat de door hoge voedselprijzen en werkloosheid geteisterde Tunesiërs nodig hadden om tot actie over te gaan. Zij wisten heus wel uit wat voor corrupte bende hun regering bestond. Alleen konden ze het nu voor het eerst lezen en op televisie zien. Maanden later noemde Julian Assange de TuniLeaks de directe katalysator van de revolutie. Het was zijn 'hoogtepunt' van 2011, ook omdat 'er geen twijfel mogelijk is' dat de Jasmijnrevolutie 'hét' voorbeeld was voor de gehele Arabische lente. Ben Gharbia en Nawaat.org - dé informatiebron van de opstand in Tunesië - kregen internationale erkenning voor de cruciale rol die zij speelden bij de opstand. Ze ontvingen prijzen van onder andere Reporters without Borders, The Electronic Frontier Foundation en Index On Censorship. 'De informatie in de TuniLeaks over de corruptie en de mensenrechtenschendingen was niet nieuw,' legt Ben Gharbia uit. 'Maar nu was het voor het eerst officieel gedocumenteerd. De TuniLeaks bereikten een breed publiek, óók de mensen op belangrijke maatschappelijke posities. De psychologische impact was groot.'
Duizend nieuwe partijen
Het interview met Sami Ben Gharbia vindt plaats via Skype. Hij woont sinds de revolutie niet meer in Nederland; hij is teruggekeerd naar zijn geboortestad Bizerte, gelegen op het meest noordelijke puntje van het Afrikaanse continent. 'Ik was hier dertien jaar niet meer geweest,' vertelt hij in bijna vlekkeloos Nederlands. 'En het land is veranderd. Maar wat ik niet precies weet, is wat er nu veranderd is door de revolutie en wat er anders is omdat ik zo veel jaren weg ben geweest.' Zijn terugkomst noemt de vrijheidsstrijder 'erg emotioneel'. Ook omdat hij een land aantrof waar plots in het openbaar de democratie luidkeels wordt beleefd. 'Mensen praten over politiek, op straat, in het café, op terrassen, binnen families. Politiek leeft in elke Tunesiër. Er zijn hier nu volgens mij duizend nieuwe politieke partijen en organisaties die de maatschappij nieuw leven inblazen. Iedere dag wordt wel ergens gedemonstreerd. De kracht van burgerschap, die tijdens Ben Ali volledig afwezig was, is nu heel sterk. Dat is het grote verschil met toen ik Tunesië verliet.'
Dertien jaar geleden vluchtte Ben Gharbia naar Nederland. Na een studiereis door Iran - hij leerde er Farsi en bestudeerde de Perzische cultuur, poëzie en literatuur - werd hij door het regime opgepakt. 'Veel Tunesiërs die reizen maakten door het Midden-Oosten werden in de gevangenis gegooid. Sommige voor twintig jaar.' Een paar dagen na zijn arrestatie moest hij zich weer melden bij de instanties, maar via Libië, Tsjaad en Niger wist hij naar Nederland te vluchten. Hij vond een plek in een asielzoekerscentrum in Heerenveen. Van daaruit kwam hij terecht in Grou, waar hij schipper werd op een zeilschool. Dat was de tijd dat hij internet ontdekte. In eerste instantie zocht hij naar documenten die hem konden helpen bij zijn asielaanvraag in Nederland (na vijf jaar procederen kreeg hij een verblijfsvergunning). Hij bezocht Tunesische sites, begaf zich in chatrooms en begon zijn eigen weblog, 'fikra', wat 'idee' betekent in het Arabisch. Het was de plaats waarop hij het boek dat hij in Friesland schreef over zijn vlucht wilde promoten. Het blog werd al gauw politieker, met artikelen over mensenrechtenschendingen en kritische blogposts over Tunesië. Het was in 2002 het eerste weblog dat verboden werd door de Tunesische regering. Ben Gharbia richtte samen met andere dissidenten in 2004 het weblog nawaat.org op, met het doel om de andere kant van Tunesië te laten zien. In 2007 raakte hij als 'advocacy director' betrokken bij het wereldwijde toonaangevende blognetwerk GlobalVoices Online, dat een stem geeft aan bloggers en journalisten uit landen waar hun de mond wordt gesnoerd. Ben Gharbia is een grote naam in de internationale digitale activistenscene, een voorbeeld voor dissidenten die technologie inzetten als middel in hun strijd. 'Vanwege het scheppen van een nieuwe wereld van overheidstransparantie,' nam het tijdschrift Foreign Policy hem in december op in zijn lijst van Top 100 Global Thinkers. 'Traditionele mensenrechtenadvocaten en -activisten proberen hun zaak duidelijk te maken met wetteksten,' licht hij toe. 'Maar wie leest die? Specialisten, academici, journalisten misschien. Mijn strategie is om hetzelfde verhaal te vertellen, maar dan in een andere vorm. Dat kan online. Met video, met korte posts, met mash-ups. Dát raakt de gemiddelde persoon meer dan grote lappen tekst.'
Een regering bouwen
Hoe nu verder in Tunesië? De dictator is verdreven, de democratie ingevoerd. Blijft er nog wel iets over om voor te strijden? Genoeg, bezweert Ben Gharbia. De fase van 'openbreken' is voorbij, nu is het zaak de Tunesische samenleving open te houden. Ben Gharbia: 'Vergeet niet dat de conservatieve krachten in Tunesië nog sterk zijn. Een paar weken geleden heeft een rechter het bezoeken van pornosites verboden. Dat kan niet in een echt democratische samenleving. De angst dat hier de censuur terugkeert, is reëel. We zijn bezig om het grote censuurapparaat van Ben Ali af te breken. En om mensen op te voeden over essentiële vrijheden. Dat gaat niet zomaar.' Zijn 'Nawaat' is van een dissidenten- en activistenwebsite veranderd in een stichting met een betonnen kantoor. Vanuit daar geven Ben Gharbia en zijn team vorm aan het nieuwe Tunesië. 'Dit is een ander gevecht. Wij vochten tégen censuur en vóór vrijheid van meningsuiting. We kaartten mensenrechtenschending aan, publiceerden antipropaganda. Met nieuwe technologieën streden we tegen Ben Ali. Nu vechten we niet meer tegen iemand, maar voor de democratie. Meer overheidstransparantie, het recht om informatie te kunnen krijgen van de regering. Wij brengen de internet-geeks samen om na te denken over een vrijere en meer open samenleving. Na de revolutie verkeert het land nog een beetje in een identiteitscrisis. Ik wil bijdragen aan de nieuwe identiteit van Tunesië. Niet meer een regering omverwerpen, maar een regering bouwen.'
Dit is, vertelt hij, de juiste tijd voor hem om in Tunesië te zijn. Zijn Nederlandse paspoort houdt hij voorlopig aan. Of hij iets mist aan ons land? Even lacht hij, dan zegt hij zonder aarzeling: 'Zeilen op de Friese meren.'
