Vrij Nederland Ophef in bloggerland

Ophef in bloggerland

De bevindingen waren toegejuicht door een heuse hoogleraar. Dus de redactie trof geen blaam.

Door Elma Drayer

De bevindingen waren toegejuicht door een heuse hoogleraar. Dus de redactie trof geen blaam.

Door Elma Drayer

Je zou denken dat de pers na de deconfiture van een zekere Tilburgse hoogleraar had bijgeleerd. Want dat wetenschappers de professor jarenlang op zijn ogen hadden geloofd, was al gênant. Dat journalisten daarin gehoorzaam waren meegegaan, vond ik zo mogelijk nog gênanter. Helaas, het heilzaam leereffect lijkt vooralsnog minimaal.

Afgelopen weken ontstond er in bloggersland nogal wat ophef over het NOS Journaal. Op maandag 7 mei had het aandacht besteed aan jongeren die massaal zouden lijden onder ‘sociale-mediastress’. Dat bleek uit ‘landelijk onderzoek’ van de zogeheten Nationale Academie voor Media & Maatschappij. In het item zag je jongeren zwaaien met smart
phones en een mevrouw die zorgelijke woorden sprak. Daags erna deden twee wakkere bloggers, Linda Duits en Maarten Keulemans, wat de Journaalredactie zelf had moeten doen: het rapport nauwkeurig bestuderen. Het kostte ze geen enkele moeite om het onderuit te halen.

Ging de hoofdredacteur door het stof? Welnee. Deze Marcel Gelauff betoogde dat de bevindingen uit het onderzoek waren toegejuicht door een heuse hoogleraar. Dus dat zijn redactie geen blaam trof. Bovendien rekent hij het tot de taak van het Journaal om ook ‘trends’ te signaleren. En ‘de enorme toename’ van het gebruik van sociale media onder jongeren is ‘onmiskenbaar’ een trend, hoe dan ook de moeite van het berichten waard.

Pijnlijk genoeg had diezelfde hoofdredacteur in diezelfde week in het Delftse universiteitsblad TU Delta verklaard dat wetenschapsjournalisten bij het Journaal overbodig zijn. Onderzoek ‘in een context’ plaatsen kunnen andere redacteuren namelijk ook heel goed. ‘Dat hoort gewoon bij het journalistieke handwerk.’ Waarna hij, heel postmodern, beweerde dat ‘absolute waarheden’ niet bestaan.

Wat dat handwerk betreft heeft de hoofdredacteur zonder meer gelijk. Elke journalist zou zo’n rapport op z’n merites moeten kunnen beoordelen. Je hoeft per slot geen gepromoveerde bèta te zijn om te begrijpen dat een handjevol geselecteerde jongeren onvoldoende is om tobberige conclusies te trekken over de Nederlandse jeugd. Dat de Nationale Academie voor Media & Maatschappij weinig voorstelt, is ook met enkele muisklikken te achterhalen. En de klassieke cui bono-vraag (wie heeft hier voordeel van?) dien je te stellen bij elk bericht, en zeker bij elk persbericht. Alleen, dat gebeurt blijkbaar niet – althans niet op het Mediapark.

Komende zondag, heb ik begrepen, steekt het NOS Journaal zich in een nieuwe jas. Het moet ‘minder afstandelijk’, ‘menselijker’. ‘We schuiven iets meer op richting de kijker,’ zei de hoofdredacteur in Het Parool. Iets meer in de richting van waarheidsvinding lijkt me eerlijk gezegd een beter idee.

elma.drayer@vn.nl

23-05-2012 / Media