VN MediagidsHyena’s in pettycoat

Op deze pagina vind u de volgende onderwerpen:

U kunt ook direct naar het hoofdmenu of het zoekveld springen.

Media 30.11.2011

Door Elma Drayer

Seksisme is verre van uitgeroeid – ook niet in ons land. Moeten we ons opwinden over virtuele vrouwenhaat?

Afbeelding bij Hyena’s in pettycoat

Vrouwelijke journalisten, vindt de Franse organisatie Reporters sans Frontières, doen er verstandig aan om Egypte en andere onrustige oorden in de regio voorlopig te mijden. Recentelijk maakten diverse vrouwen in Caïro mee hoe mannen – al dan niet geüniformeerd – hen mishandelden en betastten. In februari was een journaliste van de Amerikaanse zender CBS al belaagd. En ook in Libië werd er een aangerand.

Daarbij vergeleken is dit continent voor vrouwelijke journalisten een paradijsje. Zou je denken. Maar toevallig werd juist de laatste weken ook hier seksisme weer een actueel thema. Begin november besteedde de Britse krant The Observer ruim aandacht aan vrouwelijke bloggers en journalisten die er genoeg van hebben en oproepen tot actie. Sinds hun stukken op internet verschijnen, krijgen zij strijk-en-zet ladingen modder over zich heen – uiteraard altijd anoniem. Naar eigen zeggen behoren aanvallen op hun looks en dreigen met verkrachting daarbij tot het standaardrepertoire.

Op zichzelf, schreef journaliste Laurie Penny, is het niet nieuw dat het publiek vrouwelijke denkers en schrijvers met een uitgesproken profiel beoordeelt op hun seksuele aantrekkelijkheid. Ook Mary Wollstonecraft werd in de achttiende eeuw al uitgemaakt voor een ‘hyena in pettycoat’. Maar internet ‘maakt het voor boys op eenzame slaapkamers gemakkelijker om bullies te worden’. Half november voegde de Nederlandse wetenschapsjournaliste Asha ten Broeke zich in dit koor. Ook zij ging in haar Trouw-column stevig tekeer tegen de misogynie die de bezoekers van GeenStijl onlangs over haar uitstortten. Zo vond een van hen dat zij als ‘oliedom, moddervet wijf’ maar eens ‘hard’ genomen moest worden in al haar ‘gaten’. ‘Ik laat me niet bang maken,’ schreef Ten Broeke strijdbaar, ‘en ik laat me niet de mond snoeren. Basta.’

En afgelopen zaterdag las ik in Het Parool een interview over twee pagina’s met oud-correspondente en documentairemaakster Ingeborg Beugel. Vorige maand was zij vier keer in korte tijd te gast bij Pauw & Witteman, als deskundige inzake de Griekse schuldenproblematiek. Haar serie optredens, vertelde ze tegen de krant, had ‘extreme’ agressie op internet losgemaakt, waarbij vooral haar uiterlijk het moest ontgelden. Die aanvallen ad hominem, meende Beugel, moet je duiden als seksisme, in het bijzonder gericht tegen ‘vrouwen van middelbare leeftijd’, die ook nog ‘sterk in hun schoenen staan’. ‘Als ik een jonge meid was geweest, was er waarschijnlijk niet zo haatdragend over me gesproken.’ Wij vrouwen, concludeerde ze, moeten ‘kennelijk gewoon’ onze mond houden. Want als een man iemand in de rede valt, is dat normaal. ‘Maar als een vrouw het doet, krijgt ze een golf hatemails over zich heen.’

Hebben mijn vakzusters een punt?

Mij bekruipt enige aarzeling. Natuurlijk is seksisme, net als racisme, verre van uitgeroeid – ook niet in dit paradijselijke hoekje van het universum. Dat er nog altijd mannen rondlopen die een rood waas voor de ogen krijgen zodra een vrouw robuuste opinies ventileert, niemand zal het ontkennen. En dat deze heren op het wereldwijde web van geen remmingen weten, lijkt me al even evident. Maar dan nog. Hoezo zou je je opwinden over sneue types met te veel vrije tijd en een toetsenbord? Helden die niet eens de moed bezitten om zich met naam en toenaam bekend te maken? Te veel eer, zou ik zeggen.

Virtuele vrouwenhaat is reuze ergerlijk. Maar wind je liever op over collega’s die het werken werkelijk onmogelijk wordt gemaakt.

Lieve help

De verzorgingsstaat op z’n retour? Het groeit en bloeit daar, in die bossen.

Stephan Sanders op 16.05.2012 -

Micha Wertheim

Micha Wertheim

Micha Wertheim op 16.05.2012 -