VN MediagidsG.B.J. Hiltermann herschreef zichzelf
Media 30.10.2009
G.B.J Hiltermann omarmde in 1940 de Duitse bezetter, zo blijkt uit ‘Het geheim van De Telegraaf’.
G.B.J. Hiltermann was voor vele generaties radioluisteraars een autoriteit. De gezaghebbende commentator met de kenmerkende lage stem besprak voor de Avro-microfoon van 1956 tot 1999 'De Toestand in de Wereld'. Gedurende zijn hele carrière waren er geruchten dat de in 1914 geboren Hiltermann voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog nationaal-socialistische sympathieën had, iets wat hij immer op hoge toon ontkende.
Hiltermann heeft altijd volgehouden dat hij in mei 1942 per direct bij De Telegraaf opstapte nadat de Duitse bezetter de krant had gedwongen een antisemitisch commentaar te plaatsen. Maar mediahistoricus Mariette Wolf stuitte tijdens haar onderzoek voor het onlangs verschenen Het geheim van De Telegraaf op documenten die een heel ander beeld opleveren van Hiltermann. Hij was niet de dappere vaderlandslievende journalist die hij zelf beweerde te zijn geweest, maar omarmde aan het begin van de oorlog de komst van de Duitse bezetter. Wolf vond onder meer dagboeken terug van Joop Wijnand, tijdens de oorlog een collega van Hiltermann bij De Telegraaf.

Zomer 1940 beschrijft Wijnand ruzies op de redactie over het Verbond van Nederlandse Journalisten (VNJ). Dat was aan het begin van de oorlog opgericht als nationaal-socialistische tegenhanger van de Nederlandsche Journalisten Kring. Maar weinig Telegraaf-verslaggevers sloten zich aan bij de nieuwe organisatie. Uitzonderingen waren Hiltermann en Henk Lunshof, de latere hoofdredacteur van Elsevier en vader van de onlangs overleden Telegraaf-commentator Kees Lunshof. Het tweetal zei 'in een nieuwen tijd niet achter te willen blijven'.
Collega's die de overstap weigerden, werden door hen uitgemaakt voor 'quasi-heroïsch'. Uit een brief van Hiltermann aan de VNJ uit januari 1941 blijkt zonneklaar hoezeer hij de komst van de Duitsers omarmt. 'Mijn opvattingen van "den nieuwen tijd" dateeren van jaren voor 9 mei en het verlangen naar een krachtiger, heroïscher mensch, naar een forschere levenshouding zijn niet ontsproten aan een mentaliteit van een inwoner van bezet gebied.' Ook het later vaak door Hiltermann vertelde verhaal dat hij ontslag nam nadat de Duitsers de krant hadden gedwongen een antisemitisch hoofdcommentaar af te drukken, wordt door Wolf naar het rijk der fabelen verwezen. 'Hiltermann vertrok pas drie maanden later, en niet uit protest maar omdat hij bij de Winkler Prins Encyclopedie een mooie baan kreeg.'
Na de oorlog verdoezelde Hiltermann niet alleen zijn aanvankelijke liefde voor de Duitse bezetter, hij zette zichzelf in zijn drie (!) memoires ook neer als een heldhaftige journalist, die altijd al geweten had dat de nazi's niet deugden. Zo beschreef Hiltermann met graagte zijn bezoek aan Neurenberg in 1938, toen hij Adolf Hitler een handje mocht geven. Hiltermann omschreef de Führer als 'eng' en 'een ventje'. Een typisch geval van het herschrijven van je eigen geschiedenis, oordeelt mediahistoricus Wolf. 'En daar is hij nog zelf in gaan geloven ook'. Over de koers van De Telegraaf in oorlogstijd oordeelt Wolf vrij mild, maar over Hiltermann is ze kritisch; 'Vooral omdat hij zichzelf na de oorlog altijd heeft schoongepraat, vond ik dat er iets moest worden rechtgezet.'
Oud-redacteur van Elsevier René de Bok bundelde in 2001 een jaar na het overlijden van de AVRO-commentator veel radiopraatjes in het boek De Toestand in de Wereld. De Bok doet op grond van gesprekken met 'GBJ' de terugkerende geruchten over de meeloperij af als 'allemaal verzinsels' die afkomstig zijn van 'Hiltermanns vijanden'. Als De Bok wordt geconfronteerd met de bevindingen uit Het geheim van De Telegraaf gaat hij meteen overstag. 'Dit is interessante informatie die een nieuw licht werpt op Hiltermann. In de gesprekken die ik met hem gevoerd heb, wilde hij niets meer van de oorlog weten. Ik heb toen geen verder onderzoek meer gedaan. Eén ding is zeker: Hiltermann verdient nu meer dan ooit een degelijke biografie.'
