Paarlberg 'verbijsterd' over vonnis

De rechtbank heeft ondernemer Jan-Dirk Paarlberg dinsdag 8 juni veroordeeld tot 4,5 jaar cel voor het witwassen, fraude, oplichting en valsheid in geschrifte. Paarlberg is volgens zijn advocate ' verbijsterd' en gaat in hoger beroep tegen de uitspraak.
Het openbaar ministerie had vier jaar geëist, onder meer voor het witwassen van afpersgelden van Willem Endstra. Daar heeft de rechtbank nog een half jaar bijgedaan. 'We zijn overdonderd', zegt Paarlbergs advocate Bénédicte Ficq. 'Ik had met allerlei scenario's rekening gehouden. Ook met een veroordeling, maar niet met de mogelijkheid dat de rechters over het OM heen zouden gaan.'
Mede op grond van Endstra's gesprekken en dagboekaantekeningen acht de rechtbank bewezen dat Paarlberg ruim 17 miljoen euro heeft witgewassen (zie artikel De zaak Jan-Dirk Paarlberg). Het gaat om tien betalingen waar volgens de rechtbank geen reële economische transacties mee zijn gemoeid. Geld dat Endstra gedwongen door zijn afperser Willem Holleeder heeft overgemaakt. 'Het kan niet anders dan dat Paarlberg dit geweten heeft', aldus de rechtbank. De verdediging heeft Endstra hier weliswaar niet meer over kunnen ondervragen, maar de rechters stellen dat meerdere uitlatingen van de in 2004 vermoorde vastgoedman 'controleerbaar juist zijn gebleken'.
Volgens Ficq heeft de rechtbank ten onrechte naar believen uit de woorden van Endstra geput. 'Ze hebben het toverstokje over de verklaringen van Willem Endstra gehaald en gezegd: dit geloven we wel en dat geloven we niet. De rechters zijn volledig voorbijgegaan aan de kern van die achterbankgesprekken: dat Endstra een belang had om zichzelf niet te belasten. Dat Endstra een belang had om niet te worden doodgeschoten. Dat betekent dat je met die verklaringen helemaal niets kan doen.'
De rechtbank schetste een 'geconstrueerde, niet rechtsgeldige' manier van zakendoen waarbij Paarlberg en Endstra zogenaamde oude afspraken hebben gebruikt om het geld op een semi-legale wijze van de een naar de ander te krijgen. Paarlbergs beweringen dat het om legitieme mondelinge overeenkomsten uit het verleden gaat worden volgens de rechters niet voldoende gestaafd door de verdachte. In het vonnis schetsen ze een ondernemer die nauw betrokken is bij de uitvoering van de betalingen 'en op de hoogte was van het afgedwongen karakter van de door hem ontvangen gelden'.
- Paarlberg dronk twee glaasjes water en maakte zich snel uit de voeten toen de rechtbank klaar was. Toch was hij volgens zijn advocate 'geschokt'.
Zwak punt in de aanklacht tegen Paarlberg was het (ontbreken van) contact met Holleeder. Er zijn nauwelijks bewijzen van daadwerkelijke ontmoetingen of contacten tussen beide heren. Ook zijn er geen financiële transacties tussen Holleeder en de vastgoedhandelaar boven tafel gekomen. De rechters geven toe 'geen goed zicht' op de relatie te hebben gekregen. Toch concluderen ze op basis van 'feiten en omstandigheden' (zie artikel Holleeder aan Huis) dat de contacten 'omvangrijk zijn geweest dan dat de verdachte de rechtbank wil doen geloven'. Ze leiden daaruit af 'dat verdachte nauw en bewust moet hebben samengewerkt met Willem Holleeder.' Wellicht dat Paarlbergs buitenlandse vennootschappen en Zwitserse coderekeningen dienden om het criminele geldverkeer aan het zicht te onttrekken, is de suggestie in het vonnis.
Daarna ging rechtbankvoorzitter Rutten uitvoerig in op de andere feiten die Paarlberg ten laste waren gelegd. Een voor een hoorde de verdachte hoe hij 'wettig en overtuigend' schuldig werd geacht aan valsheid in geschrifte, fraude en oplichting (zie artikel Het lot van Paarlberg). Nadat de voorzitter het 92 pagina's lange vonnis had doorgenomen, restte hem nog slechts de motivering van de straf. 'De langdurige periode waarbinnen en de geraffineerde wijze en schaal waarop de delicten hebben plaatsgevonden, maken deze feiten naar het oordeel van de rechtbank extra kwalijk', concludeerde Rutten. Vijf jaar is de straf die de rechtbank Jan-Dirk Paarlberg 'in beginsel' oplegt. De straf wordt uiteindelijk zes maanden lager omdat 'de verdachte door de [media]aandacht en berichtgeving zowel in persoonlijk als zakelijk opzicht beschadigd is geraakt.'
Paarlberg zelf gaf geen krimp tijdens het voorlezen van het vonnis. Hij dronk twee glaasjes water en maakte zich snel uit de voeten toen de rechtbank klaar was. Toch was hij volgens zijn advocate 'geschokt'. Raadsvrouwe Ficq zei na afloop niet te begrijpen waarom de rechters sommige beweringen van Endstra wel serieus hebben genomen (bijvoorbeeld dat Paarlberg van de gedwongen betalingen wist) en de andere weer niet (bijvoorbeeld dat Paarlberg zelf onder dwang handelde). 'Je kunt niet verwachten dat mijn cliënt gaat vertellen dat hij gedwongen is geweest', aldus Ficq in reactie op het vonnis. 'Stel dat dat zo zou zijn en hij moet vrezen voor zijn leven, dan gaat hij dat toch niet even in de zittingszaal melden? Het was een plicht geweest van het openbaar ministerie en ook van de rechtbank om de mogelijke rol van Paarlberg als slachtoffer te onderzoeken.' Ficq liet weten in hoger beroep te gaan. Ze zal op bovenstaande punten ongetwijfeld de nadruk leggen als het hof de zaak in behandeling neemt.
Top 5 best bekeken justitie
Justitie nieuws
Onderwereld Blog
Nederlands Juridisch Dagblad
Openbaar Ministerie
