VN MediagidsOud-zakenpartner van Stanley Hillis gearresteerd
De Vinkeveense crimineel Rooie Ron de J. is gearresteerd. Hij zit sinds twee weken in voorarrest op verdenking van witwassen en bedreiging van een advocaat. De J. leidde samen met Stanley Hillis en Mink Kok jarenlang een beruchte drugsorganisatie.
Het wordt eenzaam aan de top. Oké, Mink Kok loopt weer vrij rond. Maar Stanley Hillis is dood. En sinds kort zit hun voormalige partner in crime Ron de J. (1962) in een Amsterdamse cel. Daarmee is definitief een einde gekomen aan de heerschappij van de Lange, de Ouwe en de Rooie.
Ooit leken ze ontastbaar. In de jaren negentig groeide hun organisatie en stroomden de drugsmiljoenen binnen. Met dank aan de overheid, die transporten ongemoeid liet in de ijdele hoop zo de criminele organisatie in kaart te kunnen brengen. Een blamage voor de rechtsstaat - bekend geworden als de IRT-affaire - die lijkt vergeten, maar niet vergeven.
De rekening wordt nu alsnog vereffend. De opsporingsinstanties zaten Hillis al lange tijd op de huid: ze stonden er zelfs letterlijk naast toen hij op 21 februari werd geliquideerd. Ook Mink Kok zat jarenlang vast voor wapenhandel en op verdenking van liquidaties; knarsetandend zag het Openbaar Ministerie hoe hij in 2007 de dans ontsprong toen hem een oude moord werd aangewreven.
En nu is ‘Rooie’ Ron de J., Der Dritte im Bunde, aan de beurt. In 2008 wist hij nog op listige wijze te ontkomen, toen de recherche hem wilde aanhouden in z’n Vinkeveense villa. Maar de Rooie is gevonden. Sinds twee weken zit hij vast in het huis van bewaring in de Amsterdamse Havenstraat op verdenking van bedreiging en het witwassen van drugsgeld.
De J. maakte criminele carrière als ‘buitenlandman’ die de drugstransporten van de zogenaamde Deltagroep regelde, waartoe ook Hillis en Kok behoorden. Hij kreeg in de buitenwereld nooit de status die z’n maten ten deel viel, maar in het milieu werd de Rooie gevreesd, niet in de laatste plaats vanwege z’n latente gewelddadigheid. Legendarisch is het apocriefe verhaal van een zakenpartner die een financieel conflict had met De J. In de daaropvolgende ruzie eigende de Rooie niet alleen diens Jaguar toe, maar sloeg hij de schuldenaar ook nog eens tot moes met een riotgun. Het 76-jarige slachtoffer deed tevergeefs aangifte van mishandeling en noemde z’n belager een ‘psychopaat’.
- De raadsman was zo desperaat dat hij overwoog zijn leven te beëindigen
Maar verder hield Ron de J. zich vooral gedeisd. Hij leefde goed van de narco-geld, dat met bakken binnenkwam bij de Deltagroep. Het vergaarde kapitaal werd veelal over de grens geïnvesteerd, onder meer in buitenlands vastgoed. Maar soms kwam het ook weer via een U-bocht in Nederland terecht.
Dat traject bewandelde De Rooie volgens het Openbaar Ministerie toen hij z’n luxueuze onderkomen aan de Vinkenveense plassen kocht. De villa staat officieel op naam van een Zwitserse AG. Het pand wekte de aandacht van het OM, onder meer door een tip van de Belastingdienst. De J. had zich daar in 2007 gemeld om gebruik te maken van een zogenaamde inkeerregeling. Bij zo’n regeling kan degene die z’n zwart verdiende geld alsnog opgeeft, zonder verdere boetes met terugwerkende kracht belasting betalen. Het zou gaan om een bedrag van 3 miljoen gulden. De J. vertelde de belastingambtenaren dat het de winst was die hij had gemaakt met de verkoop van een partij softdrugs. Die drugs had hij naar eigen zeggen aangetroffen in een door hem gehuurd busje. De partij zou volgens De J. afkomstig zijn uit een door het IRT gecontroleerde invoer.
Misschien een lucratieve deal voor de Belastingdienst, maar de rechercheurs van het Amsterdamse Bureau Financieel Economische Recherche hadden geen boodschap aan de fiscale schuldbekentenis van de tot inkeer gekomen drugshandelaar. Zij vermoedden een witwasconstructie en legden beslag op het huis. Toen de opsporingsinstanties op de oprijlaan verschenen, kon de eigenaar nog net via de achterdeur te ontsnappen.
In de periode daarop wist Rooie Ron uit handen van de politie te blijven, onder meer met behulp van z’n toenmalige advocaat Arthur Toenbreker. Die gaf hem onderdak in zijn woning aan de Keizersgracht. De raadsman had weinig keuze: De J. hield hem verantwoordelijk voor de affaire rond z’n huis. Door toedoen van Toenbrekers kantoor zou de crimineel 2,6 miljoen euro zijn kwijtgeraakt en had hij nu de politie aan z’n staart hangen.
Toenbreker zat flink in z’n maag met de op een bovenverdieping residerende ‘cliënt’ die hem bedreigde. De sores met de topcrimineel weet hij aan de gedragingen van z’n voormalig kantoorgenoot Evert Hingst. Deze in 2005 vermoorde advocaat had jarenlang gemene zaak gemaakt met de onderwereld, onder andere met Stanley Hillis en Mink Kok. Maar ook met Rooie Ron en nu zat Arthur Toenbreker met de gebakken peren. ‘Door te handelen met het geld van mijn cliënten heeft hij ook mij in de problemen gebracht,’ zei de advocaat eerder tegen Vrij Nederland (zie ook: Advocaat Toenbreker, man in nood). Het was Hingst, de protégé van Toenbreker, die zou hebben gerommeld met het Zwitserse geld voor de Vinkeveense villa.
Jammer genoeg voor Toenbreker is z’n geliquideerde pupil niet meer aanspreekbaar. Vandaar dat Rooie Ron verhaal is komen halen bij de leermeester. De druk in diens woning liep steeds verder op en Toenbreker koos van lieverlee het hazenpad. De raadsman was zo desperaat, dat hij van plan was een einde te maken aan z’n leven. Zwaar overspannen troffen kennissen hem begin 2008 aan op een hotelkamer.
Daarna werd lang niets gehoord van Arthur Toenbreker. Het lijkt er op dat de advocaat is ondergedoken, al dan niet met behulp van de politie. Zeker is dat hij inmiddels een verklaring heeft afgelegd tegen z’n vroegere cliënt Ron de J. Die kan voorlopig z’n netelige situatie overdenken in een kleine cel: z’n voorarrest is verlengd met negentig dagen. Bram Moszkowicz, De J.’s advocaat, was niet voor commentaar bereikbaar.
