Vrij Nederland Minister in troebel water
Minister in troebel water
Al kostte het hem in 2010 zijn baan, Gerd Leers zit nog steeds tot over zijn oren in de Bulgaarse villa-affaire.
Al kostte het hem in 2010 zijn baan, Gerd Leers zit nog steeds tot over zijn oren in de Bulgaarse villa-affaire.
De Bulgaren hebben een donkerbruin vermoeden. Het zou weleens persoonlijke rancune kunnen zijn dat de Nederlandse minister voor Immigratie en Asiel hen buiten de Schengenzone wil houden.
Gerd Leers heeft het gehad met hun land. Als burgemeester van Maastricht raakte hij eerder zijn goede naam, zijn geld en zijn baan kwijt vanwege gerotzooi met een nooit afgebouwde villa aan de Zwarte Zee. Althans, dat is de analyse van sommige Bulgaarse media, nu Nederland – als enige Europese lidstaat – hun toetreding tot het Schengengebied tegenhoudt. ‘Minister Leers heeft persoonlijk geleden omdat hij 220.000 euro heeft begraven aan onze kust,’ schreef website Sofiautre.bg op 26 mei. ‘Dus willen de Nederlanders ons niet in Schengen.’ De minister ‘rekent af met een zwarte bladzijde uit zijn biografie’, meldde de Sofia News Agency eerder.
Dat Leers in Bulgarije als kop van Jut dient, is begrijpelijk. Het door corruptie geplaagde land krijgt een tik op de vingers van een man die zelf werd gegispt vanwege bestuurlijk dubbelspel. Niet dat een Nederlandse minister eigenhandig een heel land in de wacht zou kunnen zettten, maar Leers heeft nog wel wat te verhapstukken met de Bulgaren. In elk geval met een van hen: Dobril Dobrev. De minister houdt deze Bulgaarse architect direct verantwoordelijk voor zijn mislukte investering.
De in 2010 in de media breed uitgemeten affaire komt in het kort hier op neer: Leers liet zich in 2006 verleiden te investeren in een nog te bouwen villa op het terrein van vakantiepark Marina Black Sea Riviera in het Bulgaarse Byala. Hij stak zonder al te veel voorbehoud en enigszins naïef ruim twee ton in het project. Tussen de Nederlandse en Bulgaarse aandeelhouders van het villapark liep het in 2010 spaak, de bouw haperde, het project wankelde. In pogingen de zaak vlot te trekken, zou Leers met zijn burgemeestersfunctie hebben geschermd. Ongepast, meende de Maastrichtse gemeenteraad. Leers had de schijn tegen, vond men. Hij moest vertrekken.
Foto: Marcel van Hoorn / ANP
Dat was de apotheose van het Bulgaars-Maastrichtse avontuur. Maar daarmee was de kous niet af. Leers had immers aangifte gedaan tegen vennootschapsdirecteur Dobrev, die volgens de Nederlandse investeerders het project had verkwanseld en zichzelf had verrijkt. Ook meent Leers nog een vordering te hebben op het Bulgaarse bedrijf. Hij wil z’n geld terug: 220.000 euro plus boetes en rente. Een fiks bedrag voor een ambteloos burger en de moeite van het incasseren waard.
Echter, toen er voor de CDA-prominent in 2010 een ministerspost lonkte, was Leers gedwongen zijn belang op afstand te plaatsen. Hij bracht de vordering onder in de stichting Fiducia Trajectum, waarvan de bekende Eindhovense advocaat en curator Louis Deterink als voorzitter optreedt. Deterink mag namens Leers – maar zonder diens bemoeienis – zijn best doen zoveel mogelijk van de ruim twee ton terug te halen.
Daarmee lijkt de misère rond de villa voorlopig veilig geparkeerd. Gerd Leers heeft sinds oktober 2010 ook wel wat anders aan zijn hoofd; hij ontfermt zich als bewindsman over de problemen met Europese binnen- en buitengrenzen, vluchtelingen en illegalen. Maar – met of zonder stichting Fiducia Trajectum – de CDA-bestuurder blijft met zijn claim een partij in de Marina Black Sea-zaak. En die affaire is de afgelopen jaren verworden tot een vuile oorlog. De aandeelhouders van het vakantiepark strijden om de rechten op het zieltogende project, waarbij beschuldigingen van malversaties over en weer vliegen.
Vooral de Maastrichtse ex-ambtenaar Nico Nollen zet al twee jaar lang alles op alles om zijn geesteskind te redden, of op zijn minst een deel van de investering terug te krijgen. Hij en zijn advocaten proberen in een zogenaamde insolventieprocedure om Marina Black Sea schuldenvrij te krijgen. De verschillende schuldeisers – veelal kopers van de vakantiehuizen – hebben hiermee ingestemd en krijgen naar alle waarschijnlijkheid slechts een deel van hun inleg terug. Hun advocaten kwamen op 9 maart 2011 bij elkaar in de arrondissementsrechtbank van het Bulgaarse Varna tijdens een officiële vergadering.
Op de lijst van die bijeenkomst duikt ook de naam op van crediteur ‘Gerardus Bernardus M. Leers, staatsburger van het Koninkrijk der Nederlanden’. Namens Leers is Veselin Georgiev verschenen, advocaat te Sofia. De minister lijkt via deze plaatselijke jurist nog steeds voor zijn belang op te komen en dat roept vragen op. Want waar is de stichting Fiducia Trajectum? Waar is Louis Deterink? Leers zou zijn belang toch op afstand houden?
‘De heer Leers heeft geen enkele betrokkenheid meer met de activiteiten rond Marina Black Sea Riviera,’ laat de minister weten via zijn voorlichter. Verder verwijst de CDA-bewindsman door naar stichtingsbestuurder Deterink. ‘Uit de notulen begrijp ik dat de Bulgaarse advocaat over het crediteurenakkoord heeft gestemd namens de heer Leers, op basis van een inmiddels achterhaalde volmacht,’ zegt Deterink afgelopen maandag in een schriftelijke reactie. ‘Hiervan ben ik nimmer op de hoogte gesteld. Ik heb de advocaat heden om opheldering gevraagd. Hij had zijn stem uiteraard moeten uitbrengen namens de stichting, zijnde de voor de heer Leers in de plaats getreden schuldeiser.’ De Bulgaarse raadsman Veselin Georgiev heeft volgens het kamp Leers dus iets te voortvarend gehandeld.
Georgiev dient overigens meer Nederlandse klanten. Samen met kantoorgenoot Albena Draganova vormt hij het advocatenduo voor aandeelhouders Nico Nollen en diens zwager Geurt Stuurman. Ze hebben net als Leers hun pijlen gericht op oud-directeur en ex-mede-aandeelhouder Dobrev. Die houden ze verantwoordelijk voor het echec met het vakantiepark. Dobrev zou op eigen houtje een hypotheek van 2,5 miljoen euro hebben afgesloten bij een Griekse bank. Daarbij zou de Bulgaar de al verkochte villa’s in het park als onderpand hebben gegeven – onder meer die van Gerd Leers – terwijl ze vrij op naam waren. De handtekeningen van de kopers zouden daarbij zijn vervalst. Althans, dat zeggen de Bulgaarse advocaten en hun Nederlandse cliënten.
‘We maken je kapot, kreeg ik te horen. Dat hebben ze ook tegen Gerd Leers gezegd’
Oud-directeur Dobrev is inmiddels uit de vennootschap gestapt; Nollen en Stuurman hebben zijn aandelen overgenomen. Maar een andere Nederlander, de Maastrichtse kunstenaar Jacques Timp, heeft nog steeds een kwart van de aandelen in handen. Hij is min of meer familie van Dobrev. De dochter van Timp heeft een kind met de zoon van Dobrev. De twee opa’s zitten op één lijn: niet Dobrev, maar de andere Nederlandse aandeelhouders spelen vuil spel. Het verhaal van Timp en Dobrev is simpel. De andere Nederlandse aandeelhouders zijn niet in staat geweest voldoende kapitaal bijeen te brengen. Van lieverlee is de Bul-gaarse directeur naar de bank gestapt om daar een hypotheek los te peuteren. Daarvoor, zegt Dobrev, heeft hij het fiat van de andere aandeelhouders gekregen. In een door hen ondertekend document staat dat Dobrev de opdracht kreeg een lening af te sluiten bij de Griekse Piraeus Bank. ‘Ze ontkennen nu dat ze dat document hebben ondertekend,’ zegt Timp mede namens Dobrev. ‘Maar ik was er zelf bij dat ze hun handtekeningen hebben gezet. De anderen houden vol dat het niet bestaat, maar wij hebben het authentieke document in ons bezit.’
De tegenpartij reageert als door een wesp gestoken. ‘Dat zogenaamde document is pure oplichting,’ zegt Nico Nollen stellig. ‘Eerder hadden we twee documenten ondertekend die zowel in het Bulgaars als in het Engels waren. Dat waren machtigingen aan de heer Dobrev om offertes aan te vragen bij banken. Niet meer dan dat. Toen kwam het derde document, waar Timp het over heeft. Dat zou ook slechts zo’n machtiging voor het aanvragen van een offerte zijn. Er zat geen Engelse vertaling bij. We hebben in vertrouwen getekend en zijn gewoonweg opgelicht.’
Legaal gefiatteerd of niet, de Griekse lening mocht niet baten. De bouw kwam stil te liggen. Hoewel het project grotendeels klaar was, bleef er een financieringstekort voor de laatste loodjes. Dat leek onoverbrugbaar. Om de boel te redden hebben Nollen cum suis vorig jaar gevraagd om een insolventieprocedure, een schuldsanering dus. Die is toegekend door de rechter. Maar ook daarbij zou zijn gesjoemeld.
Deze keer beschuldigt het kamp van Timp en Dobrev zijn tegenstanders van bedrog. De rechter is misleid, zegt Timp: ‘Er zijn stukken gemanipuleerd om die isolventieprocedure in gang te zetten. In het gerechtelijk besluit staat dat verscheidene leveranciers aan Marina Black Sea Riviera hun rekeningen niet betaald hebben gekregen. Mede daarop heeft de rechter zijn besluit gebaseerd. Ik ben dat nagegaan. Ik heb die leveranciers benaderd. Wat blijkt? Die rekeningen zijn wel degelijk betaald. Door Nico Nollen zelf.’ Timp vervolgt schamperend: ‘Ik heb niet het geld en de mogelijkheden om de boel in Bulgarije te manipuleren.’Opnieuw pareert Nollen de beschuldigingen op felle wijze. ‘Ja, ik heb die rekeningen inderdaad betaald. Uit fatsoen! Omdat er geen geld kwam uit Bulgarije. Maar dat betekent toch niet dat die vorderingen niet meer geldig zijn? Het zijn openstaande schulden in de boekhouding van Marina Black Sea Riviera. Ik heb mijn hele administratie aan mijn Bulgaarse advocaat gegeven en die heeft het ingebracht in de procedure.’ Dat Timp hem beschuldigt van valsheid in geschrifte ziet Nollen als een bedreiging. ‘Tegen meneer Timp heb ik al eerder aangifte gedaan.’ Wat de bedreigingen precies behelzen, daarover blijft Nollen vaag, maar hij lijkt onder meer te doelen op informatie die Timp aan de pers heeft gegeven. ‘Er stond in alle kranten dat ik gefraudeerd zou hebben. Er is heel bewust, zwart-op-wit, geschreven dat ik Europees geld heb gestolen. Geen Nico N., nee, gewoon voluit Nico Nollen. We maken je kapot, kreeg ik te horen van de Bulgaren. Dat hebben ze ook tegen Gerd Leers gezegd. We zorgen dat je je baan verliest. De politie zei: “Waarom komt u hier nu pas mee?” Het is een pure hel.’
Jacques Timp, geconfronteerd met de beschuldigingen van bedreiging, reageert verbouwereerd. ‘Ik heb Nollen tot drie, vier keer toe een brief geschreven. Hem gebeld en gezegd: “Nico, dit wordt te dol, laten we om de tafel gaan zitten.” Hij reageerde niet. Ik heb hem geconfronteerd met de wijze waarop de sanering is gemanipuleerd. Toen heb ik gezegd: “Dat komt vanzelf een keer op straat te liggen.” Dat zag hij als een dreigement. Daarna sms’te hij me en bood me tienduizend euro aan. “Wat moet ik met tienduizend euro zwijggeld?” heb ik teruggestuurd.’
Aandeelhouder Timp wil zijn handen best van Marina Black Sea aftrekken, maar dan wel voor een redelijke prijs. Hoeveel, daar laat hij zich niet over uit. ‘Hij wil honderdduizend euro,’ zegt zijn opponent Nollen. ‘Dat krijgt hij niet. Hij heeft zich niet eens officieel gemeld als crediteur.’
Het geschil lijkt onoverkomelijk, maar over één ding zijn alle partijen het eens: het einde is nog lang niet in zicht. Nollen en de zijnen hebben een doorstartplan neergelegd bij de Bulgaarse rechter. Daar is nog geen goedkeuring aan gegeven. Nollen: ‘Ik wist dat ik zou moeten vechten als een leeuw, dat het een veldslag in Bulgarije zou worden. Total war. Dat is het ook. Wij hopen dat er ooit een heldere en duidelijke eigenaar is met een stuk grond en met huizen. We hadden graag gezien dat de kopers van de villa’s er al deze zomer in hun zwembroek hadden kunnen rondlopen. Dat is helaas niet het geval.’ En hoe zit de minister in de nasleep van de Bulgaarse rel? ‘Of ik samen met Leers optrek? Daar kan en mag ik geen antwoord op geven,’ zegt Nollen met een lachje. ‘Maar Leers kennende denkt u toch niet dat hij is vergeten een brief te sturen met de mededeling: hallo, ik heb ook een paar stuivers betaald! Dat gaat overigens netjes via die stichting Fiducia Trajectum, hoor.’ In Bul-garije is de affaire rond het villapark een ‘mega-zaak’, zegt Nollen. ‘Als je er een serveerster op het terras over vraagt, zegt ze waarschijnlijk: o, dat leuke project, waarbij iemand een huis heeft gekocht, is bedrogen en nu zijn handtekening moet zetten onder het Schengenakkoord.’
Timp is ervan overtuigd dat Gerd Leers nog steeds een rol speelt. ‘Ik vroeg hem ooit naar een definitie van politiek. “Heel eenvoudig, Jacques: ga met de sterkste mee,” zei hij. Dus kijk goed naar het jasje van Leers, dan weet je hoe de wind waait. Toen de zaken in 2010 uit de hand dreigden te lopen, schoot Leers op het vliegveld van Sofia tegen mij uit zijn slof. Hij zei: “Jacques, ik zal m’n persoonlijke en politieke macht gebruiken om jullie kapot te maken.” Dat ben ik nooit vergeten. Ik vind het cynisme van Leers vreselijk. Achter de schermen aan de touwtjes blijven trekken en aan de buitenkant de integerste man van de wereld spelen. Hij moet weten wat er zich afspeelt. Dat hij daar zijn goedkeuring aan geeft, dat hij daar een advocaat met zijn handtekening laat rondzwaaien: kijk eens, ik heb hier de minister aan de hand! Daarmee kan je in dat kwetsbare, nog niet helemaal democratische land natuurlijk een heleboel macht uitoefenen.’
Het zijn harde beschuldigingen, maar behalve de vermelding in de lijst met crediteuren zijn er geen rechtstreekse aanwijzingen van Leers’ betrokkenheid. En in die lijst is zijn naam abusievelijk verschenen, beweert zaakwaarnemer Louis Deterink. Die zegt de zaak slechts op afstand te volgen. ‘Meneer Nollen zit er nogal bovenop. We kijken vanaf de zijlijn mee en wachten af wat er gebeurt.’
Over Harry Lensink
Harry Lensink (1968) werkt sinds 2005 bij Vrij Nederland. Hij schrijft over georganiseerde misdaad en justitie.