VN MediagidsOpenbaarmaking stresstest goed voor vertrouwen in banken
Economie 23.06.2010

Stresstest: een computerspelletje om te kijken of een bank overeind blijft als zich nare dingen voordoen. Geeft antwoord op de vraag: heeft een bank genoeg eigen vermogen om rake klappen op te vangen?
Wordt uitgevoerd door: het samenwerkingsverband van Europese bankentoezichthouders, de Committee of European Banking Supervisors. Betreft: de vijfentwintig grootste banken van Europa. Vermoedelijke uitkomst: de banken hebben nog 100 miljard euro nodig om de stresstest te kunnen doorstaan. Komt als: een complete verrassing.
De Europese regeringsleiders besloten vorige week plotseling tot een nieuwe stresstest voor de grote Europese banken en, wat het meest opmerkelijk was, tot openbaarmaking van de resultaten. Half juli weet iedere burger - en wat belangrijker is: iedere belegger en iedere bankier - hoe de (andere) grote banken er voorstaan.
De vraag is: waarom is dit nodig? En is het een goed idee?
In Europa voltrekt zich iets wat je een sluipende tweede bankencrisis zou kunnen noemen. Het onderlinge vertrouwen tussen banken, op een dieptepunt in de zwarte herfst van 2008, was weer redelijk hersteld, maar de Griekse crisis heeft dat vertrouwen in de knop gebroken. Het Europese reddingsplan voor de Grieken was helemaal geen reddingsplan voor de Grieken. Het was een reddingsplan voor Europese banken die veel Griekse staatsobligaties in huis hadden. Als Griekenland zijn staatsobligaties had moeten afstempelen, waren grote Europese banken omgevallen, of minimaal met grote verliezen geconfronteerd.
- In Europa voltrekt zich een sluipende tweede bankencrisis
Dezer dagen is Spanje aan de beurt. Ofschoon de Spaanse staatsschuld relatief laag is, is het financieringstekort hoog, is de arbeidsmarkt star, en lijdt het land onder het uiteenspatten van de vastgoedbel. Vooral dat vastgoedprobleem heeft effect op (lokale) banken, vanwege de in het verleden verkochte hypotheken.
De Spanjaarden doen er alles aan om te voorkomen dat ze het nieuwe Griekenland worden, ontkennen dus bij hoog en bij laag dat ze een beroep zullen (moeten) doen op het Europese steunfonds, en speelden vorige week een handig spelletje met de stresstests. Madrid zei: wij gaan door een stresstest laten zien dat onze banken nog wel een stootje kunnen hebben, en maken de resultaten openbaar. Hiermee dwongen de Spanjaarden andere Europese landen hetzelfde te doen. De Europese regeringsleiders, gesteld voor het Spaanse fait accompli, besloten er toen maar een Europese show van stabiliteit van te maken.
Hierbij doet zich de vervelende omstandigheid voor dat de resultaten een gemengd beeld zullen geven. De financieel bestuurder van de Rabobank, Bert Bruggink, zei in het Financieele Dagblad: 'De testen zullen uitwijzen dat een flink aantal banken extra kapitaal nodig heeft. Ik denk dat het gemakkelijk uitkomt op 100 miljard.'
Het mag dan geen feest van stabiliteit worden, de transparantie neemt wel toe, wat in elk geval goed is voor de stabiliteit op een iets langere termijn. Na half juli weten banken weer aan wie ze, zonder onnodige risico's, kort geld uit kunnen lenen. Beleggers weten welke banken wel en welke niet zwaar in Spaans schatkistpapier zitten, of ze tegen een eventuele afstempeling van die obligaties bestand zijn, en welke aandelen ze dus moeten dumpen en welke bijkopen. Banken die kapitaal te kort komen, weten dat ze als de raphazen nieuw geld moeten aantrekken, en zullen dat ook doen, op straffe van stevige koerscorrecties.
De eenzijdige Spaanse actie draagt zo via een paar tussenstapjes bij tot herstel van het vertrouwen, en bij de bestrijding van de sluipende tweede bankencrisis. De boosheid van banken hierover lijkt me in elk geval deels gespeeld. Zij hebben er als eerste belang bij te weten met wie ze zaken doen.
