VN MediagidsAfghanistan na Vancouver
Buitenland / Afghanistan 09.03.2010

Canada heeft zijn eigen Afghanistan-kwestie. De regering wordt beschuldigd van een doofpotaffaire.
Nu de Canadezen hun Olympische slagzin 'Own the Podium' hebben waargemaakt, kunnen ze eindelijk bezit nemen van hun democratie. Die staat al maanden in de ijskast. Niet omdat een kabinet viel over de Afghanistan-kwestie, maar omdat de conservatieve premier Stephen Harper het parlement had opgeschort. Om de Afghanistan-kwestie.
Alleen gaat het in Canada niet om het al-of-niet blijven - de Canadezen liggen een jaar achter op het Nederlandse schema; ze vertrekken in 2011. Een oud schandaal rond gedetineerden werd een politieke rel. In november barstte de controverse los toen diplomaat Richard Colvin voor een commissie van onderzoek getuigde over Afghanen die door de Canadezen gevangen waren genomen en waren overgedragen aan de Afghaanse autoriteiten.
De gedetineerden zouden zijn mishandeld en zelfs gemarteld, enkelen waren spoorloos verdwenen. De beschuldigingen waren niet nieuw. Maar voor het eerst getuigde een hooggeplaatste Canadees dat de regering in Ottawa de zaak in de doofpot had gestopt. Het parlement eiste inzage in ongecensureerde documenten over de affaire. De minderheidsregering van Stephen Harper weigerde. Voor de jaarwisseling verdaagde Harper het parlement tot na de Olympische Spelen. Zogenaamd om aan nieuwe economische plannen te werken.
Geen Canadees die de premier geloofde.
- Het volk liet zich niet afleiden door premier Harpers brood-en-spelen-tactiek
De verdaging van het parlement bleek een pijnlijke misstap voor Harper. Hoe geobsedeerd de Canadezen ook waren door hun Olympische Spelen, en hoezeer Harper ook hoopte dat het Olympische goud hem politiek vrij spel zou geven, het volk liet zich niet afleiden door Harpers brood-en-spelen-tactiek en verkondigde luidkeels zijn ongenoegen. Harper kelderde in de opiniepeilingen en zijn voorsprong op de Liberalen, de grootste oppositiepartij, verdampte. Nu het parlement voor het eerst in maanden weer in zitting is, staat de Afghanistan-affaire hoog op de agenda.
Als gevolg van de opgelegde stilte in Ottawa reageerde Canada nauwelijks op wat er in Den Haag had plaatsgevonden. Dat was opmerkelijk: de Canadezen hebben de Nederlandse politieke discussie over Afghanistan altijd op de voet gevolgd. Wat Afghanistan betreft, zijn de twee landen elkaars spiegelbeeld. In Canada woedde dezelfde discussie over vechten en opbouwen, waren de politieke partijen verdeeld, had de missie weinig steun onder de bevolking en leidde de missie tot navelstaarderij over de rol van Canada in de wereld. Vooral de transformatie van Canada van peacekeeper naar warrior nation lag gevoelig. De oprichting van een VN-vredesmacht in de jaren vijftig was een Canadees initiatief. 'Geen land dat zich zo vereenzelvigd heeft met de blauwhelmen van de VN als Canada,' vertelde een prominente journalist mij aan de vooravond van de Uruzgan-missie. Canada voerde toen al zware gevechten in de buurprovincie Kandahar; bijna elke week zond de Canadese tv live de sombere ceremonie uit van weer een soldaat die in een lijkkist thuiskwam (130 Canadezen zijn in Afghanistan gesneuveld).
Voordat Nederland aan de Uruzgan-missie begon, was in Canada de Kandahar-missie al een politieke speelbal geworden waarbij partijpolitieke belangen een steeds grotere rol speelden. Maar de verwachting dat Afghanistan een wedge issue zou worden bij de verkiezingen werd niet beantwoord. Premier Harper loodste een verlenging van de missie nipt door het parlement. Het hielp dat bondgenoot Nederland eerder ook tot het verlengen van de missie had besloten. Nu vertrekken de Nederlanders als eerste en hoeft Canada de spits niet af te bijten. 'Het is gunstig voor Harper dat Nederland hem politieke dekking heeft gegeven als de terugtrekking volgend jaar begint,' schreef een columnist van de Toronto Star.
Kolonel b.d. Alain-Michel Pellerin, directeur van de Conference of Defence Associations, de spreekbuis van een dertigtal militaire organisaties, denkt er anders over. 'Als twee van de drie bondgenoten in de provincies waar de oorlog woedt zich terugtrekken, zal Amerika juist de politieke druk opvoeren. Met het verlies van Nederland is een verlenging van de Canadese missie voor Amerika van groter belang. Anders krijgt de oorlog te veel een Amerikaans gezicht.' Maar Steven Staples, directeur van de progressieve denktank The Rideau Institute in Ottawa, vindt de categorische ontkenning van Harper over een mogelijke verlenging van de missie opmerkelijk. 'De minister-president heeft onlangs nog gezegd dat er geen Canadese militairen na 2011 in Afghanistan zullen blijven, met uitzondering van het handjevol dat de ambassade in Kabul beschermt.' Pellerin is niet overtuigd. 'Harper zegt ook dat hij de opbouwmissie niet wil loslaten. Die zal toch door militairen beschermd moeten worden.'
Militair zullen de Canadezen van de Nederlandse terugtrekking weinig merken. De Canadese missie is al sterk veramerikaniseerd. Toen geen NAVO-lid extra troepen wilde inzetten in Kandahar - een voorwaarde voor verlenging van de Canadese missie - boden de Amerikanen steun. Nu staan er in Kandahar drie Amerikaanse bataljons onder het bevel van een Canadese generaal. Binnenkort wordt Kandahar het doel van de Amerikaanse surge. Het Marjah-offensief in de provincie Helmand was slechts het voorspel van de Amerikaanse aanval op Kandahar, het spirituele en politieke hart van de taliban, vertelde een anonieme regeringsfunctionaris op een briefing vorige week in Washington. Een datum werd niet genoemd. Maar de verwachting is dat het offensief begin juni zal plaatsvinden. Het is mogelijk dat talibanstrijders de provinciegrens over zullen vluchten naar Uruzgan. Net op het moment dat Nederland de eerste voorbereidingen treft om daar weg te trekken.
